Corona Steunmaatregelen

Corona Steunmaatregelen

Steunmaatregelen voor ondernemers getroffen door de corona crisis (update 24 september 2020)

 

 1. (Verlenging) Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkbehoud (“NOW”)

De eerste ronde van de NOW (NOW 1.0)

De ondernemer, die een omzetverlies verwachtte van minimaal 20%, vanwege het coronavirus, kon bij het UWV voor een periode van 3 maanden een tegemoetkoming voor de loonkosten aanvragen. De omzetdaling van minimaal 20% moest zich voordoen over een driemaands periode waarvan de startdatum viel op de eerste dag van de maanden maart, april of mei 2020. Het moest hierbij gaan om een aaneengesloten periode van 3 maanden. De omzet van deze periode (‘de meetperiode’) werd vervolgens vergeleken met 25% van de omzet van het kalenderjaar 2019.

De loonkosten bestaan uit het brutoloon inclusief werkgeverslasten. De tegemoetkoming bedroeg maximaal 90% van de totale loonkosten. Het percentage was afhankelijk van het omzetverlies en werd per individueel geval beoordeeld. Als voorbeeld: bij een omzetderving van 50% door corona, werd 90% van deze 50% vergoed: dat betekent een vergoeding van 45% van de totale loonkosten. Het UWV verstrekte bij een aanvraag 80% van de gevraagde tegemoetkoming als voorschot. Dit voorschot werd gebaseerd op de loonsom over het aangiftetijdvak januari 2020 en werd binnen twee tot vier weken na de aanvraag uitbetaald. Als er over dit tijdvak geen loongegevens bekend waren, dan werd uitgegaan van november 2019. Op deze manier kon het personeel worden doorbetaald. Loon boven EUR 9.538 bruto per maand kwam niet voor compensatie in aanmerking. Werkgevers die gebruik maakten van de NOW regeling kregen naast een tegemoetkoming in de loonkosten ook een vergoeding voor de maandelijkse opbouw van de vakantiebijslag. Bovenop de loonsom kwam bij de eerste ronde van de NOW 30% opslag voor de opbouw van vakantiebijslag, pensioenpremies en werkgeverspremies.

Hierbij de belangrijkste voorwaarden voor deze regeling:

  1. Er moest sprake zijn van een omzetdaling van minimaal 20%*;
  2. Er mocht geen personeel worden ontslagen om bedrijfseconomische redenen**;
  3. Bij het achteraf vaststellen van de NOW kon een accountantsverklaring of een verklaring van een derde deskundige nodig zijn voor de definitieve vaststelling van de tegemoetkoming.
  • Indien je een voorschot hebt ontvangen van meer dan EUR 100.000 of een vastgestelde vergoeding van meer dan EUR 125.000 is een accountantsverklaring vereist.
  • Indien je een voorschot hebt ontvangen van meer dan EUR 20.000 of een vastgestelde vergoeding van meer dan EUR 25.000 is een verklaring van een derde deskundige vereist. Een derde deskundige is bijvoorbeeld: een externe consultant, externe financier, brancheorganisatie of accountant/belastingadviseur. Holthaus Advies mag als geregistreerd belastingconsulent deze verklaring uiteraard ook opstellen.
  • Indien geen accountantsverklaring is vereist zal de controle geschieden op basis van de administratie.
  1. Het personeel (dus het nettoloon) moest voor 100% worden doorbetaald (dat geldt niet voor de betaling van loonheffingen aan de Belastingdienst. Deze betaling kan worden uitgesteld, zie onder punt 2).

Let op! De NOW gold óók (anders dan bij de werktijdverkorting) voor werknemers met nul-urencontracten, werknemers die via payrollbedrijven werden ingehuurd en uitzendkrachten.

Aanvragen? Het aanvragen van de eerste ronde van de NOW kon vanaf 6 april 2020 tot en met 31 mei 2020.

*Het ging hier in beginsel om de omzet van de werkgever. Indien echter sprake was van een groep, dan werd het omzetverlies op (internationaal) groepsniveau gemeten. Dit kon voordelig zijn voor Nederlandse bedrijven, die zelf geen omzet draaien (omdat ze bijvoorbeeld fungeren als cost center), maar gefinancierd worden door een buitenlandse groepsmaatschappij en werknemers in Nederland in dienst hebben. Individuele werkmaatschappijen van een concern, die een omzetdaling van 20% of meer hadden, konden echter ook de NOW aanvragen, ook al was er op groepsniveau geen sprake van 20% of meer omzetdaling. Hiervoor golden wel extra voorwaarden.

 **Er zijn ook andere mogelijkheden om personeelskosten te besparen, bijvoorbeeld:

  1. er kan afscheid genomen worden van flexibele krachten;
  2. arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd kunnen niet verlengd worden;
  3. arbeidsovereenkomsten voor onbepaalde tijd kunnen met wederzijds goedvinden aan de hand van een vaststellingsovereenkomst opgezegd worden, waarbij de werknemer aanspraak maakt op een WW-uitkering;
  4. arbeidscontracten kunnen vóór aanvang of tijdens de proeftijd opgezegd worden;

Positie directeur-grootaandeelhouders (“DGA”): Op 27 maart jl. werd bekend gemaakt dat een DGA geen beroep kan doen op de NOW. De DGA kan wel gebruik maken van de Tozo regeling (zie hierover meer onder punt 3). Alleen directeuren waarvoor ook premies werknemersverzekeringen worden voldaan vielen onder de voorwaarden van de NOW. Dit gold ook voor meewerkende aandeelhouders, met een minderheidsbelang in een werkmaatschappij, waarvoor de doorbetaald loonregeling geldt.

De tweede ronde van de NOW (NOW 2.0)

Het kabinet maakte bekend dat de NOW regeling werd verlengd met een periode van vier maanden. Vanaf 6 juli 2020 kon de aanvraag worden ingediend voor de maanden juni tot en met september. Het aangiftetijdvak van de loonheffingen waarop de tweede ronde van de NOW regeling werd gebaseerd is maart 2020. Indien de loonsom van maart hoger lag dan de loonsom van januari, werd ook voor de eerste NOW aanvraag maart als aangiftetijdvak aangehouden. Het verschil werd dan bij definitieve vaststelling van de NOW berekend. Loon boven EUR 9.538 bruto per maand kwam niet voor compensatie in aanmerking.

Hierbij de belangrijkste voorwaarden om aanspraak te maken op deze regeling:

  1. Er moest sprake zijn van een omzetdaling van minimaal 20%. Het omzetverlies moest zich voordoen over een periode van vier aangesloten maanden. Indien een eerder beroep op de NOW regeling was gedaan, moest deze periode aansluiten op de eerder gekozen periode.
  2. Het personeel (dus het nettoloon) moest voor 100% worden doorbetaald (dat gold niet voor de betaling van loonheffingen aan de Belastingdienst. Deze betaling kon worden uitgesteld, zie onder punt 2).
  3. In tegenstelling tot de eerdere NOW regeling mocht personeel onder voorwaarden worden ontslagen vanwege bedrijfseconomische redenen. Bij grotere ontslagaanvragen (meer dan 20 werknemers) gold wel een inhouding van 5% van de totale NOW uitkering, tenzij werkgevers met vakbonden een akkoord over de ontslagaanvraag hadden bereikt. Er moest dan ook bij grotere ontslagaanvragen melding worden gedaan aan vakbonden en een verklaring worden afgelegd dat de werkgever zich voldoende heeft ingespannen tot bij- en omscholing van het personeel. Ter ondersteuning hiervan stelde het kabinet budget beschikbaar, waarmee vanaf juli kosteloos online scholing en ontwikkeladviezen kon worden gevolgd.
  4. Bij het achteraf vaststellen van de NOW kon een accountantsverklaring of een verklaring van een derde deskundige nodig zijn voor de definitieve vaststelling van de tegemoetkoming.
  • Indien je een voorschot had ontvangen van meer dan EUR 100.000 of een vastgestelde vergoeding van meer dan EUR 125.000 is een accountantsverklaring vereist.
  • Indien je een voorschot had ontvangen van meer dan EUR 20.000 of een vastgestelde vergoeding van meer dan EUR 25.000 is een verklaring van een derde deskundige vereist. Een derde deskundige is bijvoorbeeld: een externe consultant, externe financier, brancheorganisatie of accountant/belastingadviseur. Holthaus Advies mag als geregistreerd belastingconsulent deze verklaring uiteraard ook opstellen.
  • Indien geen accountantsverklaring was vereist werd de controle door de overheid uitgevoerd op basis van de administratie.
  1. Voor die situaties waarin een accountantsverklaring was vereist mogen tot het vaststellen van de jaarrekening 2020 geen winstuitkeringen over 2020 aan aandeelhouders worden gedaan, geen bonussen aan het bestuur worden uitgekeerd en geen eigen aandelen worden ingekocht als aanspraak wordt gemaakt op de tweede NOW regeling.

Werkgevers die gebruik maakte van de NOW regeling kregen naast een tegemoetkoming in de loonkosten ook een vergoeding voor de maandelijkse opbouw van de vakantiebijslag. Bovenop de loonsom kwam bij de eerste ronde van de NOW 30% opslag voor de opbouw van vakantiebijslag, pensioenpremies en werkgeverspremies. Bij de tweede ronde van de NOW regeling werd deze opslag verhoogd naar 40%.

Definitieve vaststelling NOW

Indien alleen in de eerste ronde de NOW tegemoetkoming over maart, april en mei was aangevraagd en een voorschot is ontvangen, kan vanaf 7 oktober 2020 om definitieve vaststelling van de NOW tegemoetkoming worden verzocht. Voor de definitieve vaststelling van de tweede NOW ronde, wordt nog een datum bekendgemaakt. Indien zowel in de eerste als de tweede NOW ronde tegemoetkoming is aangevraagd, kan dus pas later definitieve vaststelling worden aangevraagd.

De derde ronde van de NOW (NOW 3.0)

Eind augustus maakte het kabinet bekend dat de NOW wordt verlengd met drie tijdvakken van drie maanden. Dat betekent dat de NOW is verlengd tot en met 30 juni 2021. Gedurende deze drie tijdvakken wordt de vergoeding geleidelijk verlaagd.

  • Tijdvak 1 (1 oktober 2020 tot en met 31 december 2020): De tegemoetkoming bedraagt in dit tijdvak maximaal 80% van de totale loonkosten. Loon boven EUR 9.538 bruto per maand komt in dit tijdvak niet voor compensatie in aanmerking. In dit tijdvak kan NOW compensatie worden aangevraagd als er een omzetverlies is van minimaal 20%.
  • Tijdvak 2 (1 januari 2021 tot en met 31 maart 2021): De tegemoetkoming bedraagt in dit tijdvak maximaal 70% van de totale loonkosten. Loon boven EUR 9.538 bruto per maand komt in dit tijdvak niet voor compensatie in aanmerking. In dit tijdvak kan NOW compensatie worden aangevraagd als er een omzetverlies is van minimaal 30%.
  • Tijdvak 3 (1 april 2021 tot en met 30 juni 2021): De tegemoetkoming bedraagt in dit tijdvak maximaal 60% van de totale loonkosten. Loon boven EUR 4.769 bruto per maand komt in dit tijdvak niet voor compensatie in aanmerking. In dit tijdvak kan NOW compensatie worden aangevraagd als er een omzetverlies is van minimaal 30%.

In tegenstelling tot de eerste en tweede ronde van de NOW is het bij de derde ronde van de NOW wel toegestaan om de loonsom een bepaald percentage te laten dalen, zonder dat de NOW compensatie daardoor wordt verlaagd.

  • In het eerste tijdvak mag de loonsom maximaal worden verminderd met 10%.
  • In het tweede tijdvak mag de loonsom maximaal worden verminderd met 15%.
  • In het derde tijdvak mag de loonsom maximaal worden verminderd met 20%.

De loonsom kan op verschillende manieren worden verminderd: door het niet verlengen van contracten voor bepaalde tijd, door ontslag of een vrijwillig loonoffer van werknemers. Let op: voor een vrijwillig loonoffer is wel toestemming van de werknemer nodig. Het is daarbij raadzaam om de afspraken schriftelijk vast te leggen. Bewaar deze afspraken in het personeelsdossier van de werknemer.

Evenals bij de eerste en tweede ronde van de NOW blijven een aantal voorwaarden gelijk. Zo wordt bij een aanvraag 80% van de gevraagde tegemoetkoming als voorschot verstrekt. Daarnaast ontvangen werkgevers naast de tegemoetkoming in de loonkosten ook een vergoeding voor de maandelijkse opbouw van de vakantiebijslag, pensioenpremies en werkgeverspremies. Deze opslag is 40%. Het verbod op het doen van winstuitkeringen aan aandeelhouders, bonussen aan het bestuur en de inkoop van eigen aandelen blijft bestaan. Net zoals de inspanningsverplichting van de werkgever gericht op scholing van werknemers. Het animo voor het scholingsprogramma ‘NL leert door’ was zo groot dat een aanvraag voor 2020 niet meer mogelijk is. Vanaf 2021 wordt er nieuw budget beschikbaar gesteld voor het crisisprogramma ‘NL leert door’.

Aanvragen? Het UWV streeft ernaar dat het eerste tijdvak van de NOW 3.0 vanaf 16 november 2020 kan worden aangevraagd. Definitieve vaststelling van de NOW 3.0 vindt plaats in de zomer van 2021.

 2. Versoepeling uitstel van betaling belasting alsmede verlaging boetes en rente

Ondernemers die financiële moeilijkheden ondervinden door het coronavirus kunnen tot 1 oktober 2020 bijzonder uitstel van betaling bij de Belastingdienst aanvragen. Let op: dit betreft uitstel en dus geen afstel. Het uitstel geldt voor onder andere de navolgende belastingen:

  • Inkomstenbelasting*
  • Vennootschapsbelasting*
  • Loonheffingen
  • Omzetbelasting (btw)

Eventuele nieuwe verzuimboetes voor het niet (tijdig) voldoen van belastingen hoeven niet te worden betaald. Deze regeling geldt tot en met 31 december 2020. De invorderings- en belastingrente wordt tot 1 oktober 2020 verlaagd naar 0,01%. Vanaf 1 oktober 2020 tot en met 31 december 2020 blijft de invorderingsrente 0,01%. De belastingrente gaat vanaf 1 oktober 2020 wel weer naar 4%. Dat geldt voor alle belastingsoorten, dus ook voor de Vennootschapsbelasting (normaliter 8% belastingrente). Het kwijtschelden van boetes geldt alleen wanneer er ook een verzoek tot uitstel van betaling is ingediend. Let op: oude verzuimboetes worden niet kwijtgescholden. Kwijtschelding geldt alleen voor nieuwe verzuimboetes veroorzaakt door financiële moeilijkheden vanwege het coronavirus.

Let op: vanaf 1 januari 2021 moeten nieuwe belastingaanslagen binnen de reguliere betaaltermijnen worden betaald.

Uitstel aanvragen?

Voor de Inkomsten- en Vennootschapsbelasting ontvang je de betreffende aanslag nadat de aangifte is ingediend bij de Belastingdienst. Voor de Loonheffingen en Omzetbelasting ontvang je een naheffingsaanslag wanneer je de belasting niet binnen de reguliere termijn hebt betaald. Helaas kan er niet op voorhand, maar pas na het ontvangen van een (naheffings)aanslag, een schriftelijk verzoek tot uitstel worden ingediend bij de Belastingdienst. De deadline voor het aanvragen van uitstel van betaling is 1 oktober 2020.

De fiscus stopt zodra het verzoek binnen is direct met invorderen. Bij de aanvraag wordt standaard drie maanden uitstel verleend. Als je langer dan drie maanden uitstel nodig hebt of voor meer dan EUR 20.000, moet het verzoek worden aangevuld met een verklaring van een derde deskundige over in hoeverre de ondernemer door de uitbraak van corona in betalingsproblemen is gekomen. Een derde deskundige is bijvoorbeeld: een externe consultant, externe financier, brancheorganisatie of accountant/belastingadviseur. Holthaus Advies mag als geregistreerd belastingconsulent deze verklaring uiteraard ook opstellen. Daarnaast moet bij het verzoek een verklaring worden opgenomen waarin de ondernemer verklaart geen dividenden aan aandeelhouders uit te keren, bonussen aan bestuur te voldoen of eigen aandelen in te kopen.

Er komt een terugbetalingsregeling van twee jaar, tot 1 januari 2023. Mocht de periode van twee jaar onvoldoende zijn, is het mogelijk met de Belastingdienst in overleg te treden over een verruimde betalingsregeling. Sneller aflossen is uiteraard mogelijk.

* Wijziging voorlopige aanslagen 2020: naast het aanvragen van uitstel van betaling is het ook mogelijk om de voorlopige aanslagen voor 2020 te wijzigen. De voorlopige aanslagen kunnen worden gewijzigd via de online omgeving van de Belastingdienst. Uiteraard kunnen wij ook helpen bij het wijzigen van de voorlopige aanslagen 2020.

 3. (Verlenging) Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (“Tozo”)

Eerste ronde Tozo (Tozo 1)

Om zelfstandigen te ondersteunen presenteerde het kabinet vanaf 1 maart jl. een regeling waarmee zelfstandigen inkomensondersteuning konden krijgen voor levensonderhoud. Zelfstandigen konden voor een periode van drie maanden via een versnelde procedure inkomensondersteuning ontvangen. Dit kon op twee manieren:

  1. Maximaal drie maanden inkomensondersteuning tot aan het sociaal minimum. Deze aanvulling hoeft niet te worden terugbetaald. Zelfstandig ondernemers konden hun inkomen gedurende drie maanden aanvullen tot EUR 1.050 netto per maand. Indien beide partners ondernemer zijn, gold een maximumbedrag van EUR 1.500 netto per maand.
  2. Daarnaast kon een maximale lening van EUR 10.157 voor bedrijfskapitaal worden aangevraagd tegen een verlaagd rentepercentage. De maximale looptijd van deze lening was 3 jaar tegen 2% rente. Tot 1 januari 2021 hoeft de lening niet te worden afgelost.

De hoogte van de inkomensondersteuning in de vorm van een aanvulling (1.) of een lening (2.) was afhankelijk van het inkomen en de huishoudsamenstelling. Bij de behandeling van de aanvraag vond geen levensvatbaarheid-, partner- of vermogenstoets meer plaats.

Wie wordt er aangemerkt als zelfstandige bij het aanvragen van de Tozo?

  • Eenmanszaak: de eigenaar.
  • VOF: iedere vennoot (op voorwaarde dat iedere vennoot akkoord is).
  • CV: iedere vennoot (maar uitgesloten zijn stille vennoten).
  • BV: de directeur-grootaandeelhouder (kort gezegd een aandeelhouder met een meerderheid van de aandelen, dus meer dan 50%).
  • Maatschap: elke maat, indien arbeid en kapitaal worden ingebracht. Indien enkel arbeid wordt ingebracht kon slechts een beroep worden gedaan op de aanvulling van de Tozo (variant 1).
  • Coöperatieve vereniging: ieder lid (op voorwaarde dat ieder ander lid akkoord is).
  • Stichting: de persoon, die zeggenschap over de stichting heeft, financieel bijdraagt en risico’s loopt, alsmede werkzaam is voor de stichting. Daarnaast moet deze persoon als ondernemer voor de aangifte inkomstenbelasting worden aangemerkt.

 Is één van deze rechtsvormen op jou van toepassing?

De bovenstaande ondernemers die aan het urencriterium voldoen kwamen in aanmerking voor de Tozo. Het urencriterium houdt in dat er minimaal 1.225 uur per jaar aan de onderneming wordt besteed (ongeveer 24 uur per week). Ook moet voor 17 maart 2020 gestart zijn met de onderneming.

Ondernemers die de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt konden ook een beroep doen op de Tozo. Het ging daarbij om een lening voor bedrijfskapitaal tegen een verlaagd rentetarief. De verruiming van de Tozo gold bovendien voor grenswerkers en zorgverleners. Wanneer een ondernemer in Nederland woonachtig is, maar een in het buitenland geregistreerde onderneming heeft, kon de Tozo inkomensondersteuning van maximaal EUR 1.050 netto per maand worden aangevraagd.  Woont de ondernemer niet in Nederland, maar is er wel een geregistreerde onderneming in Nederland, dan kon de ondernemer bij gemeente Maastricht een beroep doen op de Tozo lening voor bedrijfskapitaal. Ook voor zorgaanbieders gold dat de Tozo kon worden aangevraagd, wanneer er vanuit zorgverzekeraars en gemeenten onvoldoende inkomen werd verkregen.

Aanvragen?

De aanvraagprocedure liep via de gemeente waar de ondernemer woonachtig is. De voorwaarden en aanvraagmethodes konden daarom per gemeente verschillen. De Tozo aanvraag wordt individueel beoordeeld. De aanvraag kon worden ingediend vanaf 30 maart 2020 tot en met 31 mei 2020. De aanvraag moest worden ingediend via DigiD.

Let op: wanneer je de inkomensondersteuning had aangevraagd, maar het was toch gelukt om weer omzet binnen te halen, dan moest dit worden doorgegeven aan de gemeente. De gemeente zal achteraf ook controleren welke inkomsten er waren gedurende de periode van de inkomensondersteuning. De inkomsten worden bij de eindafrekening verrekend met de verkregen inkomensondersteuning.

Verlenging Tozo (Tozo 2)

Door het kabinet is de Tozo regeling verlengd met vier maanden, tot en met 30 september 2020. De ondernemer moest voor verlenging wel verklaren dat er geen sprake is van surseance van betaling (uitstel van betaling verleend door de rechter) of een naderend faillissement. Bij de verlenging van de Tozo veranderde de partnertoets. In tegenstelling tot de eerdere Tozo regeling werd het partnerinkomen wel meegenomen bij het toekennen van de Tozo. Door de ondernemer en diens partner moest een verklaring worden afgegeven dat door de coronacrisis het huishoudinkomen onder het sociaal minimum van EUR 1.050 was gekomen.

De inkomensondersteuning kon bestaan uit zowel aanvulling van het inkomen als een lening. Ondernemers die al eerder inkomensondersteuning in de vorm van een lening hebben aangevraagd, kunnen bij de tweede ronde opnieuw aanspraak maken op een lening.

Definitieve vaststelling Tozo 1

Indien je voor de Tozo 1 een aanvraag hebt ingediend, wordt momenteel door de gemeenten verzocht om een winstverklaring af te geven. In de winstverklaring moet de winst over de periode van de Tozo 1 worden opgegeven. Het is mogelijk om de periode van tegemoetkoming te wijzigen bij het invullen van de winstverklaring. Let op: de winstverklaring is verplicht. Het niet indienen daarvan, kan ervoor zorgen dat de verkregen Tozo uitkering moet worden terugbetaald. Wanneer de winstverklaring voor de Tozo 2 moet worden aangeleverd bij de gemeente is nog niet bekend.

Verlenging Tozo 3

De Tozo regeling wordt door het kabinet met negen maanden verlengd, namelijk tot en met 30 juni 2021. Naast de al bestaande partnertoets, wordt bij de Tozo 3 de vermogenstoets geïntroduceerd. Bij de vermogenstoets wordt gekeken naar de direct beschikbare geldmiddelen. Indien een ondernemer meer dan EUR 46.520 aan direct beschikbare geldmiddelen voorhanden heeft, bestaat er geen recht op de Tozo 3. Onder direct beschikbare geldmiddelen valt contant geld, het bank- en spaarsaldo, aandelen, obligaties en opties. Ander vermogen, zoals de eigen woning, zakelijke apparatuur en voorraden, worden niet meegenomen bij de vermogenstoets. Dat zijn namelijk niet direct beschikbare geldmiddelen.

Vanaf 1 januari 2021 gaat het kabinet ondernemers die een beroep hebben gedaan op de Tozo 3 ondersteunen bij de toekomst. Gemeenten zullen samen met ondernemers inventariseren welke mogelijkheden er zijn en welke ondersteuning nodig is.

4. Borgstelling MKB Corona (“BMKB-C”)

MKB ondernemers, die financiële moeilijkheden ondervinden door het coronavirus, kunnen ook gebruikmaken van de borgstelling MKB-kredieten. Ondernemers kunnen een krediet (lening) aanvragen bij een kredietverstrekker, zoals een bank. De overheid staat dan gedeeltelijk garant, waardoor de lening makkelijker wordt verstrekt door de kredietverstrekker. Dit krediet kan vervolgens door bedrijven worden benut om de periode te overbruggen waarin zij door het coronavirus inkomsten of productie mislopen. De borgstelling MKB kan door ondernemers worden aangevraagd indien zij maximaal 250 werknemers en maximaal EUR 50M omzet per jaar hebben. Voor het afsluiten van een krediet op basis van de BMKB-C regeling geldt een afsluitpremie voor de ondernemer. Deze afsluitpremie is verlaagd van 3,9% naar 2%. Daarnaast is ook de looptijd van de lening verlengd naar vier jaar. Door deze verruiming kunnen kredieten eerder worden verstrekt.

De periode voor het aanvragen van dit krediet is verlengd tot 1 april 2021.

Aanvragen? Het krediet kan worden aangevraagd bij kredietverstrekkers (zoals banken). De kredietverstrekkers vragen dan goedkeuring aan bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (“RVO”).

Voor grotere ondernemingen geldt er een andere regeling, namelijk de Garantie Ondernemingsfinanciering-regeling (“GO”).

5. Beleidsregel tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren COVID-19 (“TOGS“) ook wel het Noodloket

Er was een noodloket waarbij sommige ondernemers een tegemoetkoming konden ontvangen in de vorm van een eenmalige gift van EUR 4.000. Dit budget was bedoeld voor de eerste nood bij ondernemers die direct waren getroffen door overheidsmaatregelen en daardoor hun omzet flink hebben zien teruglopen. Voor het aanvragen golden onder andere de volgende voorwaarden:

  • De onderneming moest zijn opgericht en ingeschreven bij de KvK voor 16 maart 2020.
  • De onderneming betrof een fysieke inrichting buiten het eigen huis.* Voor horecabedrijven en ambulante handel (zoals rijscholen, taxivervoer en markthandel) gold een uitzondering: daar mag het privéadres gelijk zijn aan het vestigingsadres.
  • Er mogen maximaal 250 personen werkzaam zijn in de onderneming.
  • Gedurende de periode van 16 maart 2020 tot en met 15 juni 2020 werd EUR 4.000 aan vaste lasten verwacht voor de hoofd- of nevenactiviteit.
  • De activiteit moest voor 16 maart 2020 geregistreerd zijn onder een van de vereiste SBI-codes. De SBI-codes die voor de tegemoetkoming in aanmerking kwamen tref je hier. De SBI-code van jouw onderneming tref je aan in het uittreksel van de KvK. Het kabinet had de lijst van SBI-codes uitgebreid zodat meer ondernemers een beroep konden doen op het Noodloket. Er kon ook aanspraak op het Noodloket worden gemaakt indien de eventueel geregistreerde nevenactiviteit valt onder de geselecteerde SBI code. Er werd niet enkel meer gekeken naar de geregistreerde hoofdactiviteit.

*Had je echter omvangrijke periodieke lasten terwijl de onderneming op je huisadres ingeschreven staat, dan kon toch een beroep worden gedaan op het Noodloket. De zekere minimale omvang van de onderneming moest met een verklaring worden onderbouwd.

Aanvragen? De aanvraag voor deze tegemoetkoming van EUR 4.000 kon tot en met 26 juni 2020 via de website van de RvO worden ingediend. De aanvraag moest worden gedaan via E-Herkenning of DigiD. Na de aanvraag werd binnen 1 tot 3 weken de vergoeding goedgekeurd en uitbetaald. Bij de aanvraag moest het bankrekeningnummer dat op naam staat van de onderneming worden ingevuld.

  1. Uitstel aflossing leningen

Nederlandse ondernemingen met een financiering tot 2,5 miljoen euro kunnen een half jaar uitstel krijgen voor de aflossing van leningen. Dat geldt onder andere voor leningen bij de ABN-AMRO, ING, Rabobank, de Volksbank en Triodos Bank.

Aanvragen?

De Nederlandse Vereniging van Banken (“NVB”) roept op om een eventuele aanvraag in te dienen bij de bank waar je momenteel bankiert.

7. Corona overbruggingslening (“COL”) voor startups en scale-ups

De regering maakt het ook voor startups, scale-ups en andere innovatieve bedrijven, die getroffen worden door de economische gevolgen van corona mogelijk om een (overbruggings)krediet aan te vragen. De Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen (“ROM”’s) zullen deze kredieten op verzoek van het kabinet gaan verstrekken. ROM’s investeren met name in innovatieve en snelgroeiende, regionale bedrijven en zij herstructureren bedrijventerreinen. Ze verstrekken risicokapitaal aan ondernemers en kunnen zelfs aandeelhouder worden in deze bedrijven. Daarnaast begeleiden ze ondernemers in hun bedrijfsvoering en stimuleren zij ondernemers om zich in de regio te vestigen. De overheid stelt in eerste instantie 100 miljoen euro ter beschikking aan startups en scale-ups.

Er kunnen leningen worden aangevraagd die variëren tussen de EUR 50.000 en EUR 2 miljoen tegen een rentepercentage van 3%. De lening is niet bedoeld om andere leningen mee af te lossen. De regeling is wel bedoeld als extra financiële capaciteit voor de onderneming. Indien een lening van meer dan EUR 250.000 wordt aangevraagd geldt een plicht om als aandeelhouder of andere investeerder minimaal 25% mee te financieren. De lening moet binnen 3 jaar worden afgelost, waarvan het eerste jaar aflossingsvrij is.

Op 20 mei 2020 is bekend gemaakt dat er meer budget beschikbaar wordt gesteld voor deze overbruggingslening.

 8. Opschorting en/of kwijtschelding huur

In hoeverre de gevolgen van het coronavirus voor risico van de huurder komen, hangt af van de omstandigheden van het geval en de verdere afspraken die zijn gemaakt tussen partijen. Hoewel de verhuurder in beginsel geen actieve verplichting heeft om maatregelen te treffen tegen het coronavirus, kan het toch wenselijk zijn schadebeperkende maatregelen te treffen. In zijn algemeenheid zou een huurder onder meer een beroep kunnen doen op de volgende rechtsgronden:

  1. Overmacht: overmacht ontslaat de schuldenaar (in dit geval de huurder) in beginsel van de verplichting tot (i) nakoming van de prestatie die tijdelijk of blijvend onmogelijk is en tot (ii)  het betalen van schadevergoeding. Prestaties (in dit geval het betalen van de huur) kunnen als onmogelijk worden beschouwd indien bijvoorbeeld de opgelegde overheidsmaatregelen prestaties verbieden;
  2. Onvoorziene omstandigheden: de coronacrisis is zeer uitzonderlijk. Het is niet ondenkbaar dat rechters zullen beslissen dat de extreem verstorende effecten van het coronavirus en de getroffen overheidsmaatregelen op de huurrelatie verder gaan dan het normale ondernemingsrisico en als zodanig als onvoorziene omstandigheden kunnen worden aangemerkt. Dit kan leiden tot wijziging of beëindiging van het huurcontract, of aanleiding geven tot heronderhandeling.

Er is nooit eerder geoordeeld over de vraag of de coronacrisis of een soortgelijke situatie een reden is voor het opschorten dan wel kwijtschelden van de huur. Inmiddels hebben de eerste rechters zich gebogen over dit vraagstuk. In de meeste gevallen heeft de huurder geen recht op huurvermindering op grond van het coronavirus. Er is momenteel één casus waarbij de rechter 25% opschorting van de huurprijs gerechtvaardigd vindt. Ondanks dat er nog weinig uitspraken zijn, lijkt de rechter terughoudend te zijn bij het toekennen van huurvermindering of opschorting. Toekomstige uitspraken zullen daarom meer duidelijkheid over dit vraagstuk moeten geven.

9. Vaste reiskostenvergoeding en thuiswerken

Normaliter mag er geen onbelaste reiskostenvergoeding worden verstrekt aan werknemers als er langdurig thuis wordt gewerkt. In een beleidsbesluit is nu besloten dat ondanks vermeerdering van de thuiswerkdagen de reiskostenvergoeding onbelast mag worden verstrekt. Je kunt dus als werkgever uitgaan van het reispatroon waar de vergoeding op gebaseerd was. Als werkgever mag er uiteraard ook voor worden gekozen alleen de werkelijke reiskosten van de werknemer te vergoeden.

10. Verlaagd btw-tarief voor sportscholen

Wanneer er online sportlessen worden aangeboden, dan mocht vanaf 16 maart 2020 het verlaagde btw-tarief van 9% worden gehanteerd. Deze maatregel gold voor een periode van drie maanden.

11. Vakantiebijslag

Hoe zit het met het uitbetalen van vakantiebijslag als de werkgever in financiële problemen verkeert door de corona crisis?

De werknemer heeft recht op vakantiebijslag van minimaal 8% van het bruto jaarsalaris over het afgelopen jaar. De hoofdregel is dat een werknemer uiterlijk in de maand juni recht heeft op uitbetaling van de vakantiebijslag. Van dit tijdstip kan worden afgeweken bij schriftelijke overeenkomst.

Zo kan er bij cao, personeelshandboek of individuele arbeidsovereenkomst van af worden geweken, maar de werkgever blijft verplicht om minimaal één keer per kalenderjaar de vakantiebijslag te betalen.

Gelet op de huidige financiële problemen van veel werkgevers, kan het wenselijk zijn om de vakantiebijslag op een later moment uit te betalen. Om de vakantiebijslag later dan is afgesproken uit te betalen, is wel toestemming van de werknemer nodig. Het is daarbij raadzaam om de afspraken schriftelijk vast te leggen. Bewaar deze afspraken in het personeelsdossier van de werknemer.

Wat als de werknemer niet instemt met een latere uitbetaling van de vakantiebijslag?

Werkgevers dienen er rekening mee te houden dat werknemers nakoming kunnen vorderen, indien er niet tijdig wordt betaald. De werkgever loopt in dat geval een risico. Als de werkgever niet of te laat de vakantiebijslag betaalt, dan is de wettelijke verhoging verschuldigd. Het arbeidsrecht bepaalt dat indien er niet op tijd wordt betaald, de werknemer een wettelijke verhoging kan vorderen wegens vertraging. Deze verhoging geldt voor álle beloningen in geld en dus ook voor vakantiebijslag en vakantiegeld (het salaris dat de werknemer tijdens de opgenomen vakantie doorbetaald krijgt).

12. Gebruikelijk loon voor DGA’s

De gebruikelijkloonregeling bepaalt (in het kort) dat directeur-grootaandeelhouders (DGA’s) per jaar een minimumsalaris moeten uitkeren. Dit minimum is in 2020 EUR 46.000 bruto. Wanneer ondernemers te maken krijgen met omzetverlies door corona, dan mag tijdelijk een lager loon worden aangehouden. Het salaris mag dan in verhouding tot het omzetverlies worden verlaagd. Let op: verlaging van het salaris mag niet met terugwerkende kracht over reeds genoten salaris. Nadere voorwaarden voor deze regeling zullen nog door het kabinet bekend worden gemaakt.

13. Wet excessief lenen uitgesteld (DGA tax)

De inwerkingtreding van de ‘Wet excessief lenen’ is uitgesteld tot 1 januari 2023. Deze wet heeft tot doel leningen tussen DGA’s en hun BV’s te maximeren op EUR 500.000 (exclusief eigenwoningschulden).

14. Fiscale coronareserve in de vennootschapsbelasting

Indien een BV in 2019 winst heeft gemaakt, dan kan een verlies van 2020 pas in 2021 worden verrekend. Deze regeling wordt nu echter versoepeld: het is toegestaan een ‘fiscale coronareserve’ op te nemen ten laste van de winst in 2019. De reserve mag niet hoger zijn dan de winst van 2019. Met deze regeling kunnen verliezen eerder dan in 2021 worden verrekend.

Ook als de aangifte vennootschapsbelasting 2019 al is ingediend, mag een nieuwe aangifte worden gedaan met toepassing van de fiscale coronareserve.

15. Verhoging werkkostenregeling

Voor de werkkostenregeling geldt een eenmalige verhoging van 1,7% naar 3% voor de eerste EUR 400.000 van de loonsom van de werkgever. Via de werkkostenregeling kan een werkgever een onbelaste vergoeding aan werknemers verstrekken. De reden van deze verhoging is dat werkgevers hun werknemers hiermee extra kunnen steunen in deze moeilijke periode.

16. Versoepeling urencriterium

Ondernemers kunnen in de aangifte inkomstenbelasting aanspraak maken op ondernemersaftrek wanneer zij onder andere voldoen aan het urencriterium. Het urencriterium houdt in dat er minimaal 1.225 uur per jaar (ongeveer 24 uur per week) aan de onderneming wordt besteed. Om te voorkomen dat ondernemers, die minder werken vanwege de coronacrisis, hun recht op belastingvoordelen verliezen, is het urencriterium versoepeld. Deze versoepeling is verlengd en geldt over de periode maart tot en met september 2020. In deze periode zal de Belastingdienst ervan uitgaan dat ondernemers voldoen aan het urencriterium, ook als dat feitelijk niet het geval is.

17. Hypotheken en hypotheekaanvragen

Ook banken zijn bereid te helpen wanneer er door wegvallende inkomsten tijdelijk minder financiële ruimte is om hypotheeklasten te voldoen. Het is mogelijk een tijdelijke betaalstop van rente en aflossing aan te vragen bij de kredietverstrekker. Bij hypotheken met een aflossingsverplichting geldt dat de aflossingsachterstand direct mag worden uitgesmeerd over (een gedeelte van) de resterende looptijd van de lening. De periode voor het aanvragen van betaalpauze is verlengd tot en met 31 december 2020, voor een periode van maximaal twaalf maanden. Het recht op hypotheekrenteaftrek blijft daarmee bestaan. Let op: de hypotheekverstrekker beoordeelt het verzoek tot betaalpauze van de hypotheeklasten.

Daarnaast kan je gedurende een hypotheekaanvraag worden geconfronteerd met een coronaverklaring. Met deze verklaring krijgen banken inzicht over de impact die corona heeft op de ondernemer. Banken willen daarmee het risico beperken dat de maandelijkse hypotheeklasten niet voldaan kunnen worden.

18. Uitstel aangifte inkomstenbelasting

De Belastingdienst begrijpt dat het gedurende deze coronacrisis lastiger is om hulp te vragen bij de aangifte inkomstenbelasting. Voor mensen met een DigiD-machtigingscode werd daarom automatisch uitstel verleend tot 1 september 2020 voor het doen van de aangifte inkomstenbelasting 2019. De DigiD-machtigingscode bleef gedurende deze periode geldig.

Let op: dit geldt niet voor ondernemers, belastingplichtigen die al uitstel hebben aangevraagd en voor belastingplichtigen die al aangifte hebben gedaan of niet zijn uitgenodigd tot het doen van aangifte.

19. Uitbreiding budget SEED Capital-regeling

De SEED Capital-regeling is bedoeld om innovatieve ondernemingen te ondersteunen bij het verkrijgen van risicokapitaal. Private ondernemers en de overheid werken samen door aan kansrijke startups en scale-ups op technologisch en creatief gebied een lening te verstrekken. Door de coronacrisis wordt er meer budget beschikbaar gesteld voor deze regeling, namelijk 32 miljoen. Let op: alleen als in het eerste kwartaal 2020 een aanvraag is ingediend, kan nu gebruik worden gemaakt van deze verruiming. Het is dus niet meer mogelijk om nieuwe aanvragen in te dienen.

20. Kleine Kredieten Coronagarantieregeling (“KKC”)

Naast de andere kredietmogelijkheden, is ook de Kleine Kredieten Coronagarantieregeling gepresenteerd. Deze regeling is bedoeld voor alle kredieten vanaf EUR 10.000 tot maximaal EUR 50.000. De overheid staat dan voor 95% garant voor het gehele krediet. Het krediet is bedoeld als overbruggingsfinanciering.

Voor het aanvragen van de KKC gelden de volgende voorwaarden:

  • De omzet bedraagt meer dan EUR 50.000 per jaar.
  • De onderneming stond op 1 januari 2019 ingeschreven bij de Kamer van Koophandel.
  • De looptijd van de lening is maximaal 5 jaar.
  • De rente bedraagt maximaal 4% per jaar. Voor het afsluiten van de lening geldt een afsluitpremie van 2%.

Aanvragen? Momenteel is deze kredietmogelijkheid nog niet opengesteld. Net zoals de andere kredietmogelijkheden kan deze straks worden aangevraagd bij gebruikelijke kredietverstrekkers (zoals banken). De ABN AMRO, ING, Rabobank, Triodos en Volksbank hebben in ieder geval toegezegd leningen te verstrekken middels deze regeling. De kredietverstrekkers vragen dan goedkeuring aan bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (“RVO”).

Samenvatting kredietmogelijkheden

Meerdere kredietmogelijkheden zijn inmiddels geïntroduceerd: de BMKB-C, de GO, de COL en de KKC. Hieronder een kort overzicht van de verschillende kredietmogelijkheden:

  • BMKB-C (punt 4): kan door ondernemers worden aangevraagd indien zij maximaal 250 werknemers en maximaal EUR 50M omzet per jaar hebben. De lening kan maximaal EUR 1,5M bedragen.
  • GO (punt 4): geldt voor grotere ondernemingen. Er kan met de GO-regeling minimaal EUR 1,5M en maximaal EUR 50M worden geleend.
  • COL (punt 7): deze regeling is bedoeld voor startups, scale-ups en andere innovatieve bedrijven. Met de COL kan een lening worden aangevraagd tussen de EUR 50.000 en EUR 2M.
  • KKC (punt 20): met de KKC kan een lening worden aangevraagd tussen de EUR 10.000 en EUR 50.000.

21. Coaching bij coronaproblemen

De Stichting Ondernemersklankbord (“OKB”) biedt gratis coaching aan voor ondernemers in coronaproblemen. De Stichting bestaat uit ongeveer 300 vrijwilligers die ondernemers coachen gedurende een traject van zes maanden. De Kamer van Koophandel vormt het eerste aanspreekpunt voor informatie en advies. Het OKB is bedoeld voor verdere coaching en advies.

Aanvragen? Via de website van het OKB kan het adviestraject worden aangevraagd.

22. Tijdelijke Overbruggingsregeling voor Flexibele Arbeidskrachten (“TOFA”)

De TOFA regeling zorgde voor een vaste tegemoetkoming voor flexwerkers. Daarnaast mocht er geen aanspraak zijn gemaakt op andere steunmaatregelen.

Wanneer had je recht op de TOFA? Indien in februari minimaal EUR 400 was verdiend kan aanspraak worden gemaakt op de TOFA. Er kon dan een aanvulling worden verkregen van EUR 550 per maand bruto, over de maanden maart tot en met mei 2020. Het maximuminkomen over april 2020 mocht niet hoger zijn dan EUR 550 bruto. Let op: deze tegemoetkoming wordt aangemerkt als loon en zal daarom ook worden belast. Momenteel is het niet meer mogelijk de regeling aan te vragen. De aanvraagperiode is op 27 juli 2020 gesloten.

23. Tegemoetkoming Vaste Lasten MKB (“TVL”)

De eerste ronde van de TVL

Voor MKB ondernemingen die het zwaarst werden getroffen door corona kwam het kabinet met de ‘Tegemoetkoming Vaste Lasten MKB’. Het gaat daarbij onder andere om de volgende sectoren: horeca, recreatie, sportscholen, evenementen, podia en theaters.

Deze bedrijven krijgen afhankelijk van de omvang van het bedrijf, de hoogte van de vaste kosten en de mate van omzetverlies een tegemoetkoming voor de vaste lasten. Deze tegemoetkoming is maximaal EUR 50.000. Voor toekenning van deze tegemoetkoming wordt aangesloten bij de SBI codes die gelden voor de TOGS (punt 5). Daarnaast moet er sprake zijn van een omzetverlies van minimaal 30%.

Verdere voorwaarden worden overgenomen van de bestaande TOGS regeling:

  • De onderneming moet zijn opgericht en ingeschreven bij de KvK voor 16 maart 2020.
  • De onderneming moet een Nederlandse vestiging hebben.
  • De onderneming betreft een fysieke inrichting buiten het eigen huis. Voor horecabedrijven en ambulante handel (zoals rijscholen, taxivervoer en markthandel) geldt een uitzondering: daar mag het privéadres gelijk zijn aan het vestigingsadres.
  • Er mogen maximaal 250 personen werkzaam zijn in de onderneming.
  • Er moeten minimaal EUR 4.000 aan vaste lasten zijn in een periode van drie maanden.

Aanvragen? Vanaf half juni 2020 kon het verzoek voor deze tegemoetkoming worden ingediend via de website van de RvO. De aanvraag moet worden gedaan via E-Herkenning of DigiD.

De tweede ronde van de TVL

De TVL wordt verlengd met drie tijdvakken van drie maanden. Dat betekent dat de TVL is verlengd tot en met 30 juni 2021. Deze regeling is in het leven geroepen voor MKB ondernemingen die het zwaarst zijn getroffen door gevolgen van het coronavirus. Het maximale subsidiebedrag wordt verhoogd naar EUR 90.000 per drie maanden.

  • Tijdvak 1 (1 oktober 2020 tot en met 31 december 2020): hiervoor gelden de voorwaarden van de eerste ronde van de TVL. Er moet een minimaal omzetverlies van 30% worden behaald om in aanmerking te komen voor deze tegemoetkoming.
  • Tijdvak 2 (1 januari 2021 tot en met 31 maart 2021): het omzetverlies om in aanmerking te komen voor de tegemoetkoming in dit tijdvak moet minimaal 40% bedragen.
  • Tijdvak 3 (1 april 2021 tot en met 30 juni 2021): het omzetverlies om in aanmerking te komen voor deze tegemoetkoming in dit tijdvak moet minimaal 45% zijn.

De overige voorwaarden voor de TVL blijven ongewijzigd. Om aanspraak te maken op de verlenging van de TVL moet voor elk tijdvak afzonderlijk bij de RvO een aanvraag worden ingediend. Vanaf welke datum het mogelijk is een aanvraag in te dienen voor de verlenging van de TVL is nog niet bekend.

24. Woonkostentoeslag

Indien er moeilijkheden zijn bij het betalen van de huur of hypotheek vanwege een plotselinge daling in inkomen is het in sommige situaties mogelijk om woonkostentoeslag aan te vragen bij de gemeente.

De voorwaarden voor woonkostentoeslag zijn:

  • Het inkomen is plotseling sterk gedaald;
  • Er is weinig spaargeld of weinig waardevolle bezittingen;
  • Er wordt op zoek gegaan naar een goedkopere huur- of koopwoning;
  • Ingeval van een koopwoning: de kosten van de koopwoning zijn in verhouding te hoog voor het inkomen (hypotheekrente, verzekeringen, onderhoud en onroerendezaakbelasting OZB);
  • Ingeval van een huurwoning: de aanvraag voor huurtoeslag bij de Belastingdienst is afgewezen.

De aanvraag moet worden ingediend bij de gemeente waar je woonachtig bent. Er kunnen specifieke voorwaarden per gemeente zijn verbonden aan de toekenning van woonkostentoeslag.

25. Reisaftrek openbaar vervoer

Doorlopende niet-vergoede reiskosten voor woon-werkverkeer die zijn aangegaan voor 13 maart 2020 zijn aftrekbaar in de aangifte inkomstenbelasting, ook als wordt thuisgewerkt. Het gaat bijvoorbeeld om een eerder aangeschaft jaarabonnement voor het openbaar vervoer, terwijl er momenteel hoofdzakelijk wordt thuisgewerkt. Dan zijn deze kosten, indien niet vergoed door de werkgever, aftrekbaar in de aangifte inkomstenbelasting 2020.

Onze diensten voor jou

Wij houden bovengenoemde regelingen nauwlettend in de gaten en informeren je graag per mail over de ontwikkelingen. Indien gewenst kunnen wij uiteraard ondersteunen bij het aanvragen van de verschillende regelingen. Voor vragen weet je ons te vinden!

Team Holthaus