Corona Steunmaatregelen

Corona Steunmaatregelen

Steunmaatregelen voor ondernemers getroffen door de corona crisis (update  februari 2021)

1. (Verlenging) Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkbehoud (“NOW”)

De eerste ronde van de NOW (NOW 1.0)

De ondernemer, die een omzetverlies verwachtte van minimaal 20%, vanwege het coronavirus, kon bij het UWV voor een periode van 3 maanden een tegemoetkoming voor de loonkosten aanvragen. De omzetdaling van minimaal 20% moest zich voordoen over een driemaands periode waarvan de startdatum viel op de eerste dag van de maanden maart, april of mei 2020. Het moest hierbij gaan om een aaneengesloten periode van 3 maanden. De omzet van deze periode (‘de meetperiode’) werd vervolgens vergeleken met 25% van de omzet van het kalenderjaar 2019.

De loonkosten bestaan uit het brutoloon inclusief werkgeverslasten. De tegemoetkoming bedroeg maximaal 90% van de totale loonkosten. Het percentage was afhankelijk van het omzetverlies en werd per individueel geval beoordeeld. Als voorbeeld: bij een omzetderving van 50% door corona, werd 90% van deze 50% vergoed: dat betekent een vergoeding van 45% van de totale loonkosten. Het UWV verstrekte bij een aanvraag 80% van de gevraagde tegemoetkoming als voorschot. Dit voorschot werd gebaseerd op de loonsom over het aangiftetijdvak januari 2020 en werd binnen twee tot vier weken na de aanvraag uitbetaald. Als er over dit tijdvak geen loongegevens bekend waren, dan werd uitgegaan van november 2019. Op deze manier kon het personeel worden doorbetaald. Loon boven EUR 9.538 bruto per maand kwam niet voor compensatie in aanmerking. Werkgevers die gebruik maakten van de NOW regeling kregen naast een tegemoetkoming in de loonkosten ook een vergoeding voor de maandelijkse opbouw van de vakantiebijslag. Bovenop de loonsom kwam bij de eerste ronde van de NOW 30% opslag voor de opbouw van vakantiebijslag, pensioenpremies en werkgeverspremies.

Hierbij de belangrijkste voorwaarden voor deze regeling:

  1. Er moest sprake zijn van een omzetdaling van minimaal 20%*;
  2. Er mocht geen personeel worden ontslagen om bedrijfseconomische redenen**;
  3. Bij het achteraf vaststellen van de NOW kon een accountantsverklaring of een verklaring van een derde deskundige nodig zijn voor de definitieve vaststelling van de tegemoetkoming.
    • Indien je een voorschot hebt ontvangen van meer dan EUR 100.000 of een vastgestelde vergoeding van meer dan EUR 125.000 is een accountantsverklaring vereist.
    • Indien je een voorschot hebt ontvangen van meer dan EUR 20.000 of een vastgestelde vergoeding van meer dan EUR 25.000 is een verklaring van een derde deskundige vereist. Een derde deskundige is bijvoorbeeld: een externe consultant, externe financier, brancheorganisatie of accountant/belastingadviseur. Holthaus Advies mag als geregistreerd belastingconsulent deze verklaring uiteraard ook opstellen.
    • Indien geen accountantsverklaring is vereist zal de controle geschieden op basis van de administratie.
  4. Het personeel (dus het nettoloon) moest voor 100% worden doorbetaald (dat geldt niet voor de betaling van loonheffingen aan de Belastingdienst. Deze betaling kan worden uitgesteld, zie onder punt 2).

Let op! De NOW gold óók (anders dan bij de werktijdverkorting) voor werknemers met nul-urencontracten, werknemers die via payrollbedrijven werden ingehuurd en uitzendkrachten.

Aanvragen? Het aanvragen van de eerste ronde van de NOW kon vanaf 6 april 2020 tot en met 31 mei 2020.

*Het ging hier in beginsel om de omzet van de werkgever. Indien echter sprake was van een groep, dan werd het omzetverlies op (internationaal) groepsniveau gemeten. Dit kon voordelig zijn voor Nederlandse bedrijven, die zelf geen omzet draaien (omdat ze bijvoorbeeld fungeren als cost center), maar gefinancierd worden door een buitenlandse groepsmaatschappij en werknemers in Nederland in dienst hebben. Individuele werkmaatschappijen van een concern, die een omzetdaling van 20% of meer hadden, konden echter ook de NOW aanvragen, ook al was er op groepsniveau geen sprake van 20% of meer omzetdaling. Hiervoor golden wel extra voorwaarden.

**Er zijn ook andere mogelijkheden om personeelskosten te besparen, bijvoorbeeld:

  • er kan afscheid genomen worden van flexibele krachten;
  • arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd kunnen niet verlengd worden;
  • arbeidsovereenkomsten voor onbepaalde tijd kunnen met wederzijds goedvinden aan de hand van een vaststellingsovereenkomst opgezegd worden, waarbij de werknemer aanspraak maakt op een WW-uitkering;
  • arbeidscontracten kunnen vóór aanvang of tijdens de proeftijd opgezegd worden;

Positie directeur-grootaandeelhouders (“DGA”): Op 27 maart jl. werd bekend gemaakt dat een DGA geen beroep kan doen op de NOW. De DGA kan wel gebruik maken van de Tozo regeling (zie hierover meer onder punt 3). Alleen directeuren waarvoor ook premies werknemersverzekeringen worden voldaan vielen onder de voorwaarden van de NOW. Dit gold ook voor meewerkende aandeelhouders, met een minderheidsbelang in een werkmaatschappij, waarvoor de doorbetaald loonregeling geldt.

De tweede ronde van de NOW (NOW 2.0)


Het kabinet maakte bekend dat de NOW regeling werd verlengd met een periode van vier maanden. Vanaf 6 juli 2020 kon de aanvraag worden ingediend voor de maanden juni tot en met september. Het aangiftetijdvak van de loonheffingen waarop de tweede ronde van de NOW regeling werd gebaseerd is maart 2020. Indien de loonsom van maart hoger lag dan de loonsom van januari, werd ook voor de eerste NOW aanvraag maart als aangiftetijdvak aangehouden. Het verschil werd dan bij definitieve vaststelling van de NOW berekend. Loon boven EUR 9.538 bruto per maand kwam niet voor compensatie in aanmerking.

Hierbij de belangrijkste voorwaarden om aanspraak te maken op deze regeling:

  1. Er moest sprake zijn van een omzetdaling van minimaal 20%. Het omzetverlies moest zich voordoen over een periode van vier aangesloten maanden. Indien een eerder beroep op de NOW regeling was gedaan, moest deze periode aansluiten op de eerder gekozen periode.
  2. Het personeel (dus het nettoloon) moest voor 100% worden doorbetaald (dat gold niet voor de betaling van loonheffingen aan de Belastingdienst. Deze betaling kon worden uitgesteld, zie onder punt 2).
  3. In tegenstelling tot de eerdere NOW regeling mocht personeel onder voorwaarden worden ontslagen vanwege bedrijfseconomische redenen. Bij grotere ontslagaanvragen (meer dan 20 werknemers) gold wel een inhouding van 5% van de totale NOW uitkering, tenzij werkgevers met vakbonden een akkoord over de ontslagaanvraag hadden bereikt. Er moest dan ook bij grotere ontslagaanvragen melding worden gedaan aan vakbonden en een verklaring worden afgelegd dat de werkgever zich voldoende heeft ingespannen tot bij- en omscholing van het personeel. Ter ondersteuning hiervan stelde het kabinet budget beschikbaar, waarmee vanaf juli kosteloos online scholing en ontwikkeladviezen kon worden gevolgd.
  4. Bij het achteraf vaststellen van de NOW kon een accountantsverklaring of een verklaring van een derde deskundige nodig zijn voor de definitieve vaststelling van de tegemoetkoming.
    • Indien je een voorschot had ontvangen van meer dan EUR 100.000 of een vastgestelde vergoeding van meer dan EUR 125.000 is een accountantsverklaring vereist.
    • Indien je een voorschot had ontvangen van meer dan EUR 20.000 of een vastgestelde vergoeding van meer dan EUR 25.000 is een verklaring van een derde deskundige vereist. Een derde deskundige is bijvoorbeeld: een externe consultant, externe financier, brancheorganisatie of accountant/belastingadviseur. Holthaus Advies mag als geregistreerd belastingconsulent deze verklaring uiteraard ook opstellen.
    • Indien geen accountantsverklaring was vereist werd de controle door de overheid uitgevoerd op basis van de administratie.
  5. Voor die situaties waarin een accountantsverklaring was vereist mogen tot het vaststellen van de jaarrekening 2020 geen winstuitkeringen over 2020 aan aandeelhouders worden gedaan, geen bonussen aan het bestuur worden uitgekeerd en geen eigen aandelen worden ingekocht als aanspraak wordt gemaakt op de tweede NOW regeling.

Werkgevers die gebruik maakte van de NOW regeling kregen naast een tegemoetkoming in de loonkosten ook een vergoeding voor de maandelijkse opbouw van de vakantiebijslag. Bovenop de loonsom kwam bij de eerste ronde van de NOW 30% opslag voor de opbouw van vakantiebijslag, pensioenpremies en werkgeverspremies. Bij de tweede ronde van de NOW regeling werd deze opslag verhoogd naar 40%.

De derde ronde van de NOW (NOW 3.0)

 Enid augustus maakte het kabinet bekend dat de NOW wordt verlengd met drie tijdvakken van drie maanden. Dat betekent dat de NOW is verlengd tot en met 30 juni 2021. Gedurende deze drie tijdvakken wordt de vergoeding geleidelijk verlaagd.

  • Tijdvak 1 (1 oktober 2020 tot en met 31 december 2020): De tegemoetkoming bedroeg in dit tijdvak maximaal 80% van de totale loonkosten. Loon boven EUR 9.538 bruto per maand kwam in dit tijdvak niet voor compensatie in aanmerking. In dit tijdvak kon NOW compensatie worden aangevraagd als er een omzetverlies was van minimaal 20%.
  • Tijdvak 2 (1 januari 2021 tot en met 31 maart 2021): De tegemoetkoming bedraagt in dit tijdvak maximaal 85% van de totale loonkosten. Loon boven EUR 9.538 bruto per maand komt in dit tijdvak niet voor compensatie in aanmerking. In dit tijdvak kan NOW compensatie worden aangevraagd als er een omzetverlies is van minimaal 20%.
  • Tijdvak 3 (1 april 2021 tot en met 30 juni 2021): De tegemoetkoming bedraagt in dit tijdvak maximaal 85% van de totale loonkosten. Loon boven EUR 9.538 per maand komt in dit tijdvak niet voor compensatie in aanmerking. In dit tijdvak kan NOW compensatie worden aangevraagd als er een omzetverlies is van minimaal 20%.

Wanneer je geen gebruikt hebt gemaakt van de NOW 2.0, kon je voor de NOW 3.0 kiezen over welke periode je de omzetvergelijking wil laten gaan (vanaf 1 oktober, 1 november of 1 december). Dat kon met name uitkomst bieden als het omzetverlies zich concentreerde over de periode rondom de feestdagen. Let op: indien je wel NOW 2.0 hebt ontvangen, is er geen mogelijkheid de periode van omzetvergelijking te kiezen.

In tegenstelling tot de eerste en tweede ronde van de NOW is het bij de derde ronde van de NOW wel toegestaan om de loonsom een bepald percentage te laten dalen, zonder dat de NOW compensatie daardoor wordt verlaagd.

  • In het eerste tijdvak mocht de loonsom maximaal worden verminderd met 10%.
  • In het tweede tijdvak mag de loonsom maximaal worden verminderd met 10%.
  • In het derde tijdavak mag de loonsom maximaal worden verminderd met 10%.

De loonsom kan op verschillende manieren worden verminderd: door het niet verlengen van contracten voor bepaalde tijd, door ontslag of een vrijwillig loonoffer van werknemers. Let op: voor een vrijwillig loonoffer is wel toestemming van de werknemer nodig.

Evenals bij de eerste en tweede ronde van de NOW blijven een aantal voorwaarden gelijk. Zo wordt bij een aanvraag 80% van de gevraagde tegemoetkoming als voorschot verstrekt. Daarnaast ontvangen werkgevers naast de tegemoetkoming in de loonkosten ook een vergoeding voor de maandelijkse opbouw van de vakantiebijslag, pensioenpremies en werkgeverspremies. Deze opslag is 40%. Het verbod op het doen van winstuitkeringen aan aandeelhouders, bonussen aan het bestuur en de inkoop van eigen aandelen blijft bestaan. Net zoals de inspanningsverplichting van de werkgever gericht op scholing van werknemers. Het animo voor het scholingsprogramma ‘NL leert door’ was zo groot dat een aanvraag voor 2020 niet meer mogelijk is. Vanaf 2021 wordt er nieuw budget beschikbaar gesteld voor het crisisprogramma ‘NL leert door’.

Aanvragen? De aanvraag voor het eerste tijdvak van de NOW 3.0 kon vanaf 16 november 2020 tot en met 27 december 2020 worden aangevraagd. Definitieve vaststelling van de NOW 3.0 vindt plaats in de zomer van 2021. Voor de aanvraag van het tweede tijdvak van de NOW 3.0 streeft het UWV ernaar de regeling op 15 februari 2021 te openen. Aanvragen kunnen worden gedaan tot en met 14 maart 2021.

Definitieve vaststelling NOW

Indien in de eerste ronde de NOW tegemoetkoming was aangevraagd en een voorschot is ontvangen, kan vanaf 7 oktober 2020 om definitieve vaststelling van de NOW tegemoetkoming worden verzocht. Indien geen accountantsverklaring nodig is, moet de definitieve vaststelling zijn verzocht voor 24 maart 2021. Als dat wel het geval is, moet de definitieve vaststelling voor 30 juni 2021 zijn verzocht. Het UWV heeft vervolgens tot 52 weken de tijd de aanvragen te verwerken. Voor de NOW 2.0 wordt verwacht dat het verzoeken van definitieve vaststelling mogelijk is vanaf 15 april 2021.

Bij het achteraf vaststellen van de NOW kan een accountantsverklaring of een verklaring van een derde deskundige nodig zijn voor de definitieve vaststelling van de tegemoetkoming.

  • Indien je een voorschot hebt ontvangen van meer dan EUR 100.000 of een vastgestelde vergoeding van meer dan EUR 125.000 is een accountantsverklaring vereist.
  • Indien je een voorschot hebt ontvangen van meer dan EUR 20.000 of een vastgestelde vergoeding van meer dan EUR 25.000 is een verklaring van een derde deskundige vereist. Een derde deskundige is bijvoorbeeld: een externe consultant, externe financier, brancheorganisatie of accountant/belastingadviseur. Holthaus Advies mag als geregistreerd belastingconsulent deze verklaring uiteraard ook opstellen.
  • Indien geen accountantsverklaring is vereist zal de controle geschieden op basis van de administratie.

Bij de vaststelling geldt een doelmatigheidsgrens van EUR 500. Dat betekent dat er alleen behoeft te worden terugbetaald als de teveel ontvangen subsidie meer bedraagt dan EUR 500. Het is mogelijk contact op te nemen met het UWV voor het treffen van een betalingsregeling.

2. Versoepeling uitstel van betaling belasting alsmede verlaging boetes en rente

Ondernemers die financiële ilijkheden ondervinden door het coronavirus kunnen tot 1 juli 2021 bijzonder uitstel van betaling bij de Belastingdienst aanvragen. Let op: dit betreft uitstel en dus geen afstel. Het uitstel geldt voor onder andere de namoevolgende belastingen:

  • Inkomstenbelasting*
  • Vennootschapsbelasting*
  • Loonheffingen
  • Omzetbelasting (btw)

De invorderings- en belastingrente was tot 1 oktober 2020 verlaagd naar 0,01%. Tot en met 31 december 2021 blijft de invorderingsrente 0,01%. De belastingrente ging vanaf 1 oktober 2020 wel weer naar 4%. Dat geldt tot 31 december 2021 voor alle belastingsoorten, dus ook voor de Vennootschapsbelasting (normaliter 8% belastingrente). Het kwijtschelden van boetes geldt alleen wanneer er ook een verzoek tot uitstel van betaling is ingediend. Oude verzuimboetes worden niet kwijtgescholden. Kwijtschelding geldt alleen voor nieuwe verzuimboetes veroorzaakt door financiële moeilijkheden vanwege het coronavirus.

De Belastingdienst onderzoekt momenteel of er ook een regeling moet komen voor het kwijtschelden van belastingschulden. Hierover volgt meer informatie.

Uitstel aanvragen?
Voor de Inkomsten- en Vennootschapsbelasting ontvang je de betreffende aanslag nadat de aangifte is ingediend bij de Belastingdienst. Voor de Loonheffingen en Omzetbelasting ontvang je een naheffingsaanslag wanneer je de belasting niet binnen de reguliere termijn hebt betaald. Helaas kan er niet op voorhand, maar pas na het ontvangen van een (naheffings)aanslag, een schriftelijk verzoek tot uitstel worden ingediend bij de Belastingdienst. De deadline voor het aanvragen van uitstel van betaling is 1 juli 2021.

Er komt een terugbetalingsregeling van drie jaar, in de periode van 1 oktober 2021 tot 1 juli 2024. Sneller aflossen is uiteraard mogelijk.

* Wijziging voorlopige aanslagen 2020/2021: naast het aanvragen van uitstel van betaling is het ook mogelijk om de voorlopige aanslagen voor 2020 of 2021 te wijzigen. De voorlopige aanslagen kunnen worden gewijzigd via de online omgeving van de Belastingdienst. Uiteraard kunnen wij ook helpen bij het wijzigen van de voorlopige aanslagen 2020 of 2021.

3. Verlenging) Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (“Tozo”)

Eerste ronde Tozo (Tozo 1)

Om zelfstandigen te ondersteunen presenteerde het kabinet vanaf 1 maart jl. een regeling waarmee zelfstandigen inkomensondersteuning konden krijgen voor levensonderhoud. Zelfstandigen konden voor een periode van drie maanden via een versnelde procedure inkomensondersteuning ontvangen. Dit kon op twee manieren:

  1. Maximaal drie maanden inkomensondersteuning tot aan het sociaal minimum. Deze aanvulling hoeft niet te worden terugbetaald. Zelfstandig ondernemers konden hun inkomen gedurende drie maanden aanvullen tot EUR 1.050 netto per maand. Indien beide partners ondernemer zijn, gold een maximumbedrag van EUR 500 netto per maand.
  2. Daarnaast kon een maximale lening van EUR 157 voor bedrijfskapitaal worden aangevraagd. De maximale looptijd van deze lening is verlengd tot 3,5 jaar. Tot 1 juli 2021 hoeft de lening niet te worden afgelost.

De hoogte van de inkomensondersteuning in de vorm van een aanvulling (1.) of een lening (2.) was afhankelijk van het inkomen en de huishoudsamenstelling. Bij de behandeling van de aanvraag vond geen levensvatbaarheid-, partner- of vermogenstoets meer plaats.

Wie wordt er aangemerkt als zelfstandige bij het aanvragen van de Tozo?

  • Eenmanszaak: de eigenaar.
  • VOF: iedere vennoot (op voorwaarde dat iedere vennoot akkoord is).
  • CV: iedere vennoot (maar uitgesloten zijn stille vennoten).
  • BV: de directeur-grootaandeelhouder (kort gezegd een aandeelhouder met een meerderheid van de aandelen, dus meer dan 50%).
  • Maatschap: elke maat, indien arbeid en kapitaal worden ingebracht. Indien enkel arbeid wordt ingebracht kon slechts een beroep worden gedaan op de aanvulling van de Tozo (variant 1).
  • Coöperatieve vereniging: ieder lid (op voorwaarde dat ieder ander lid akkoord is).
  • Stichting: de persoon, die zeggenschap over de stichting heeft, financieel bijdraagt en risico’s loopt, alsmede werkzaam is voor de stichting. Daarnaast moet deze persoon als ondernemer voor de aangifte inkomstenbelasting worden aangemerkt.

Is één van deze rechtsvormen op jou van toepassing?
De bovenstaande ondernemers die aan het urencriterium voldoen kwamen in aanmerking voor de Tozo. Het urencriterium houdt in dat er minimaal 1.225 uur per jaar aan de onderneming wordt besteed (ongeveer 24 uur per week). Ook moet voor 17 maart 2020 gestart zijn met de onderneming.

Ondernemers die de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt konden ook een beroep doen op de Tozo. Het ging daarbij om een lening voor bedrijfskapitaal tegen een verlaagd rentetarief. De verruiming van de Tozo gold bovendien voor grenswerkers en zorgverleners. Wanneer een ondernemer in Nederland woonachtig is, maar een in het buitenland geregistreerde onderneming heeft, kon de Tozo inkomensondersteuning van maximaal EUR 1.050 netto per maand worden aangevraagd.  Woont de ondernemer niet in Nederland, maar is er wel een geregistreerde onderneming in Nederland, dan kon de ondernemer bij gemeente Maastricht een beroep doen op de Tozo lening voor bedrijfskapitaal. Ook voor zorgaanbieders gold dat de Tozo kon worden aangevraagd, wanneer er vanuit zorgverzekeraars en gemeenten onvoldoende inkomen werd verkregen.

Aanvragen?
De aanvraagprocedure liep via de gemeente waar de ondernemer woonachtig is. De voorwaarden en aanvraagmethodes konden daarom per gemeente verschillen. De Tozo aanvraag wordt individueel beoordeeld. De aanvraag kon worden ingediend vanaf 30 maart 2020 tot en met 31 mei 2020. De aanvraag moest worden ingediend via DigiD.

Let op: wanneer je de inkomensondersteuning had aangevraagd, maar het was toch gelukt om weer omzet binnen te halen, dan moest dit worden doorgegeven aan de gemeente. De gemeente zal achteraf ook controleren welke inkomsten er waren gedurende de periode van de inkomensondersteuning. De inkomsten worden bij de eindafrekening verrekend met de verkregen inkomensondersteuning.

Verlenging Tozo (Tozo 2)

Door het kabinet was de Tozo regeling verlengd met vier maanden, tot en met 30 september 2020. De ondernemer moest voor verlenging wel verklaren dat er geen sprake was van surseance van betaling (uitstel van betaling verleend door de rechter) of een naderend faillissement. Bij de verlenging van de Tozo veranderde de partnertoets. In tegenstelling tot de eerdere Tozo regeling werd het partnerinkomen wel meegenomen bij het toekennen van de Tozo. Door de ondernemer en diens partner moest een verklaring worden afgegeven dat door de coronacrisis het huishoudinkomen onder het sociaal minimum van EUR 1.050 was gekomen.

De inkomensondersteuning kon bestaan uit zowel aanvulling van het inkomen als uit een lening. Ondernemers die al eerder inkomensondersteuning in de vorm van een lening hadden aangevraagd, konden bij de tweede ronde opnieuw aanspraak maken op een lening.

Definitieve vaststelling Tozo

Indien je voor de Tozo een aanvraag hebt ingediend, wordt momenteel door de gemeenten verzocht om een winstverklaring af te geven. In de winstverklaring moet de winst over de periode van de Tozo worden opgegeven. Het is mogelijk om de periode van tegemoetkoming te wijzigen bij het invullen van de winstverklaring. Let op: de winstverklaring is verplicht. Het niet indienen daarvan, kan ervoor zorgen dat de verkregen Tozo uitkering moet worden terugbetaald.

Verlenging Tozo 3

De Tozo regeling is door het kabinet met negen maanden verlengd, namelijk tot en met 30 juni 2021. De eerder aangekondigde vermogenstoets vanaf 1 april 2021 is geschrapt.

Aanvragen? De Tozo kan momenteel worden aangevraagd bij de gemeente.

4. Borgstelling MKB Corona (“BMKB-C”)

MKB ondernemers, die financiële moeilijkheden ondervinden door het coronavirus, kunnen ook gebruikmaken van de borgstelling MKB-kredieten. Ondernemers kunnen een krediet (lening) aanvragen bij een kredietverstrekker, zoals een bank. De overheid staat dan gedeeltelijk garant, waardoor de lening makkelijker wordt verstrekt door de kredietverstrekker. Dit krediet kan vervolgens door bedrijven worden benut om de periode te overbruggen waarin zij door het coronavirus inkomsten of productie mislopen. De borgstelling MKB kan door ondernemers worden aangevraagd indien zij maximaal 250 werknemers en maximaal EUR 50M omzet per jaar hebben. Voor het afsluiten van een krediet op basis van de BMKB-C regeling geldt een afsluitpremie voor de ondernemer. Deze afsluitpremie is verlaagd van 3,9% naar 2%. Daarnaast is ook de looptijd van de lening verlengd naar vier jaar. Door deze verruiming kunnen kredieten eerder worden verstrekt.

Het kabinet is voornemens de periode voor het aanvragen van dit krediet te verlengen tot eind 2021.

Aanvragen? Het krediet kan worden aangevraagd bij kredietverstrekkers (zoals banken). De kredietverstrekkers vragen dan goedkeuring aan bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (“RVO”).

Voor grotere ondernemingen geldt er een andere regeling, namelijk de Garantie Ondernemingsfinanciering-regeling (“GO”).

5. Beleidsregel tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren COVID-19 (“TOGS“) ook wel het Noodloket

Er was een noodloket waarbij sommige ondernemers een tegemoetkoming konden ontvangen in de vorm van een eenmalige gift van EUR 4.000. Dit budget was bedoeld voor de eerste nood bij ondernemers die direct waren getroffen door overheidsmaatregelen en daardoor hun omzet flink hebben zien teruglopen. Voor het aanvragen golden onder andere de volgende voorwaarden:

  • De onderneming moest zijn opgericht en ingeschreven bij de KvK voor 16 maart 2020.
  • De onderneming betrof een fysieke inrichting buiten het eigen huis.* Voor horecabedrijven en ambulante handel (zoals rijscholen, taxivervoer en markthandel) gold een uitzondering: daar mag het privéadres gelijk zijn aan het vestigingsadres.
  • Er mogen maximaal 250 personen werkzaam zijn in de onderneming.
  • Gedurende de periode van 16 maart 2020 tot en met 15 juni 2020 werd EUR 4.000 aan vaste lasten verwacht voor de hoofd- of nevenactiviteit.
  • De activiteit moest voor 16 maart 2020 geregistreerd zijn onder een van de vereiste SBI-codes. De SBI-codes die voor de tegemoetkoming in aanmerking kwamen tref je hier. De SBI-code van jouw onderneming tref je aan in het uittreksel van de KvK. Het kabinet had de lijst van SBI-codes uitgebreid zodat meer ondernemers een beroep konden doen op het Noodloket. Er kon ook aanspraak op het Noodloket worden gemaakt indien de eventueel geregistreerde nevenactiviteit valt onder de geselecteerde SBI code. Er werd niet enkel meer gekeken naar de geregistreerde hoofdactiviteit.

*Had je echter omvangrijke periodieke lasten terwijl de onderneming op je huisadres ingeschreven staat, dan kon toch een beroep worden gedaan op het Noodloket. De zekere minimale omvang van de onderneming moest met een verklaring worden onderbouwd.

Aanvragen? De aanvraag voor deze tegemoetkoming van EUR 4.000 kon tot en met 26 juni 2020 via de website van de RvO worden ingediend. De aanvraag moest worden gedaan via E-Herkenning of DigiD. Na de aanvraag werd binnen 1 tot 3 weken de vergoeding goedgekeurd en uitbetaald. Bij de aanvraag moest het bankrekeningnummer dat op naam staat van de onderneming worden ingevuld.

6. Uitstel aflossing leningen

Nederlandse ondernemingen met een financiering tot 2,5 miljoen euro kunnen een half jaar uitstel krijgen voor de aflossing van leningen. Dat geldt onder andere voor leningen bij de ABN-AMRO, ING, Rabobank, de Volksbank en Triodos Bank.

Aanvragen?

De Nederlandse Vereniging van Banken (“NVB”) roept op om een eventuele aanvraag in te dienen bij de bank waar je momenteel bankiert.

7. Corona overbruggingslening (“COL”) voor startups en scale-ups

De regering maakt het ook voor startups, scale-ups en andere innovatieve bedrijven, die getroffen worden door de economische gevolgen van corona mogelijk om een (overbruggings)krediet aan te vragen. De Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen (“ROM”’s) zullen deze kredieten op verzoek van het kabinet gaan verstrekken. ROM’s investeren met name in innovatieve en snelgroeiende, regionale bedrijven en zij herstructureren bedrijventerreinen. Ze verstrekken risicokapitaal aan ondernemers en kunnen zelfs aandeelhouder worden in deze bedrijven. Daarnaast begeleiden ze ondernemers in hun bedrijfsvoering en stimuleren zij ondernemers om zich in de regio te vestigen. De overheid heeft 300 miljoen euro ter beschikking gesteld aan startups en scale-ups.

Er kunnen leningen worden aangevraagd die variëren tussen de EUR 50.000 en EUR 2 miljoen tegen een rentepercentage van 3%. De lening is niet bedoeld om andere leningen mee af te lossen. De regeling is wel bedoeld als extra financiële capaciteit voor de onderneming. Indien een lening van meer dan EUR 250.000 wordt aangevraagd geldt een plicht om als aandeelhouder of andere investeerder minimaal 25% mee te financieren. De lening moet binnen 3 jaar worden afgelost, waarvan het eerste jaar aflossingsvrij is. Het aanvragen van de COL is mogelijk tot en met 30 juni 2021.

8. Opschorting en/of kwijtschelding huur

In hoeverre de gevolgen van het coronavirus voor risico van de huurder komen, hangt af van de omstandigheden van het geval en de verdere afspraken die zijn gemaakt tussen partijen. Hoewel de verhuurder in beginsel geen actieve verplichting heeft om maatregelen te treffen tegen het coronavirus, kan het toch wenselijk zijn schadebeperkende maatregelen te treffen. In zijn algemeenheid zou een huurder onder meer een beroep kunnen doen op de volgende rechtsgronden:

  1. Overmacht: overmacht ontslaat de schuldenaar (in dit geval de huurder) in beginsel van de verplichting tot (i) nakoming van de prestatie die tijdelijk of blijvend onmogelijk is en tot (ii)  het betalen van schadevergoeding. Prestaties (in dit geval het betalen van de huur) kunnen als onmogelijk worden beschouwd indien bijvoorbeeld de opgelegde overheidsmaatregelen prestaties verbieden;
  2. Onvoorziene omstandigheden: de coronacrisis is zeer uitzonderlijk. Het is niet ondenkbaar dat rechters zullen beslissen dat de extreem verstorende effecten van het coronavirus en de getroffen overheidsmaatregelen op de huurrelatie verder gaan dan het normale ondernemingsrisico en als zodanig als onvoorziene omstandigheden kunnen worden aangemerkt. Dit kan leiden tot wijziging of beëindiging van het huurcontract, of aanleiding geven tot heronderhandeling.

9. Vaste reiskostenvergoeding en thuiswerken

Normaliter mag er geen onbelaste reiskostenvergoeding worden verstrekt aan werknemers als er langdurig thuis wordt gewerkt. Er is besloten dat, ondanks vermeerdering van de thuiswerkdagen, de reiskostenvergoeding onbelast mag worden verstrekt tot 1 april 2021. Je kunt dus als werkgever uitgaan van het reispatroon waar de vergoeding op gebaseerd was. Als werkgever mag er uiteraard ook voor worden gekozen alleen de werkelijke reiskosten van de werknemer te vergoeden. Let op: het moet gaan om vergoedingen die al voor 13 maart 2020 aan werknemers werden verstrekt.

10. Verlaagd btw-tarief voor sportscholen

Wanneer er online sportlessen worden aangeboden, dan mag opnieuw het verlaagde btw-tarief van 9% worden gehanteerd. Tijdens de eerdere sluiting van de sportscholen gold deze maatregel ook.

11. Vakantiebijslag

Hoe zit het met het uitbetalen van vakantiebijslag als de werkgever in financiële problemen verkeert door de corona crisis?

De werknemer heeft recht op vakantiebijslag van minimaal 8% van het bruto jaarsalaris over het afgelopen jaar. De hoofdregel is dat een werknemer uiterlijk in de maand juni recht heeft op uitbetaling van de vakantiebijslag. Van dit tijdstip kan worden afgeweken bij schriftelijke overeenkomst.

Zo kan er bij cao, personeelshandboek of individuele arbeidsovereenkomst van af worden geweken, maar de werkgever blijft verplicht om minimaal één keer per kalenderjaar de vakantiebijslag te betalen.

Gelet op de huidige financiële problemen van veel werkgevers, kan het wenselijk zijn om de vakantiebijslag op een later moment uit te betalen. Om de vakantiebijslag later dan is afgesproken uit te betalen, is wel toestemming van de werknemer nodig. Het is daarbij raadzaam om de afspraken schriftelijk vast te leggen. Bewaar deze afspraken in het personeelsdossier van de werknemer.

Wat als de werknemer niet instemt met een latere uitbetaling van de vakantiebijslag?

Werkgevers dienen er rekening mee te houden dat werknemers nakoming kunnen vorderen, indien er niet tijdig wordt betaald. De werkgever loopt in dat geval een risico. Als de werkgever niet of te laat de vakantiebijslag betaalt, dan is de wettelijke verhoging verschuldigd. Het arbeidsrecht bepaalt dat indien er niet op tijd wordt betaald, de werknemer een wettelijke verhoging kan vorderen wegens vertraging. Deze verhoging geldt voor álle beloningen in geld en dus ook voor vakantiebijslag en vakantiegeld (het salaris dat de werknemer tijdens de opgenomen vakantie doorbetaald krijgt).

12. Gebruikelijk loon voor DGA’s

De gebruikelijkloonregeling bepaalt (in het kort) dat directeur-grootaandeelhouders (DGA’s) per jaar een minimumsalaris moeten uitkeren. Dit minimum is in 2020 EUR 46.000 bruto en in 2021 EUR 47.000 bruto. Wanneer ondernemers te maken krijgen met omzetverlies door corona, dan mag tijdelijk een lager loon worden aangehouden. Het salaris mag dan in verhouding tot het omzetverlies worden verlaagd. Let op: verlaging van het salaris mag niet met terugwerkende kracht over reeds genoten salaris. Nadere voorwaarden voor deze regeling zullen nog door het kabinet bekend worden gemaakt.

13. Wet excessief lenen uitgesteld (DGA tax)

De inwerkingtreding van de ‘Wet excessief lenen’ is uitgesteld tot 1 januari 2023. Deze wet heeft tot doel leningen tussen DGA’s en hun BV’s te maximeren op EUR 500.000 (exclusief eigenwoningschulden).

14. Fiscale coronareserve in de vennootschapsbelasting

Indien een BV in 2019 winst heeft gemaakt, dan kan een verlies van 2020 pas in 2021 worden verrekend. Deze regeling wordt nu echter versoepeld: het is toegestaan een ‘fiscale coronareserve’ op te nemen ten laste van de winst in 2019. De reserve mag niet hoger zijn dan de winst van 2019. Met deze regeling kunnen verliezen eerder dan in 2021 worden verrekend.

Ook als de aangifte vennootschapsbelasting 2019 al is ingediend, mag een nieuwe aangifte worden gedaan met toepassing van de fiscale coronareserve.

15. Verhoging werkkostenregeling

Voor de werkkostenregeling geldt een eenmalige verhoging van 1,7% naar 3% voor de eerste EUR 400.000 van de loonsom van de werkgever. Via de werkkostenregeling kan een werkgever een onbelaste vergoeding aan werknemers verstrekken. De reden van deze verhoging is dat werkgevers hun werknemers hiermee extra kunnen steunen in deze moeilijke periode.

16.Versoepeling urencriterium

Ondernemers kunnen in de aangifte inkomstenbelasting aanspraak maken op ondernemersaftrek wanneer zij onder andere voldoen aan het urencriterium. Het urencriterium houdt in dat er minimaal 1.225 uur per jaar (ongeveer 24 uur per week) aan de onderneming wordt besteed. Om te voorkomen dat ondernemers, die minder werken vanwege de coronacrisis, hun recht op belastingvoordelen verliezen, is het urencriterium versoepeld. Deze versoepeling is verlengd en geldt over de periode maart 2020 tot en met juni 2021. In deze periode zal de Belastingdienst ervan uitgaan dat ondernemers voldoen aan het urencriterium, ook als dat feitelijk niet het geval is.

17. Hypotheken en hypotheekaanvragen

Ook banken zijn bereid te helpen wanneer er door wegvallende inkomsten tijdelijk minder financiële ruimte is om hypotheeklasten te voldoen. Het is mogelijk een tijdelijke betaalstop van rente en aflossing aan te vragen bij de kredietverstrekker. Bij hypotheken met een aflossingsverplichting geldt dat de aflossingsachterstand direct mag worden uitgesmeerd over (een gedeelte van) de resterende looptijd van de lening. De periode voor het aanvragen van betaalpauze is verlengd. Het recht op hypotheekrenteaftrek blijft ook tijdens de betaalpauze bestaan. Let op: dit geldt alleen als met de hypotheekverstrekker daadwerkelijk een betaalpauze overeen is gekomen. De hypotheekverstrekker beoordeelt het verzoek tot betaalpauze van de hypotheeklasten.

Daarnaast kan je gedurende een hypotheekaanvraag worden geconfronteerd met een coronaverklaring. Met deze verklaring krijgen banken inzicht over de impact die corona heeft op de ondernemer. Banken willen daarmee het risico beperken dat de maandelijkse hypotheeklasten niet voldaan kunnen worden.

18. Uitstel aangifte inkomstenbelasting


De Belastingdienst begrijpt dat het gedurende deze coronacrisis lastiger is om hulp te vragen bij de aangifte inkomstenbelasting. Voor mensen met een DigiD-machtigingscode werd daarom automatisch uitstel verleend tot 1 september 2020 voor het doen van de aangifte inkomstenbelasting 2019. De DigiD-machtigingscode bleef gedurende deze periode geldig.

Let op: dit geldt niet voor ondernemers, belastingplichtigen die al uitstel hebben aangevraagd en voor belastingplichtigen die al aangifte hebben gedaan of niet zijn uitgenodigd tot het doen van aangifte.

19. Uitbreiding budget SEED Capital-regeling

De SEED Capital-regeling is bedoeld om innovatieve ondernemingen te ondersteunen bij het verkrijgen van risicokapitaal. Private ondernemers en de overheid werken samen door aan kansrijke startups en scale-ups op technologisch en creatief gebied een lening te verstrekken. Door de coronacrisis wordt er meer budget beschikbaar gesteld voor deze regeling, namelijk 32 miljoen. Let op: alleen als in het eerste kwartaal 2020 een aanvraag is ingediend, kan nu gebruik worden gemaakt van deze verruiming. Het is dus niet meer mogelijk om nieuwe aanvragen in te dienen.

20. Kleine Kredieten Coronagarantieregeling (“KKC”)

Naast de andere kredietmogelijkheden, is ook de Kleine Kredieten Coronagarantieregeling gepresenteerd. Deze regeling is bedoeld voor alle kredieten vanaf EUR 10.000 tot maximaal EUR 50.000. De overheid staat dan voor 95% garant voor het gehele krediet. Het krediet is bedoeld als overbruggingsfinanciering.

Voor het aanvragen van de KKC gelden de volgende voorwaarden:

  • De omzet bedraagt meer dan EUR 50.000 per jaar.
  • De onderneming stond op 1 januari 2019 ingeschreven bij de Kamer van Koophandel.
  • De looptijd van de lening is maximaal 5 jaar.
  • De rente bedraagt maximaal 4% per jaar. Voor het afsluiten van de lening geldt een afsluitpremie van 2%.

Aanvragen? Momenteel is deze kredietmogelijkheid nog niet opengesteld. Net zoals de andere kredietmogelijkheden kan deze straks worden aangevraagd bij gebruikelijke kredietverstrekkers (zoals banken). De ABN AMRO, ING, Rabobank, Triodos en Volksbank hebben in ieder geval toegezegd leningen te verstrekken middels deze regeling. De kredietverstrekkers vragen dan goedkeuring aan bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (“RVO”).

Samenvatting kredietmogelijkheden

Meerdere kredietmogelijkheden zijn inmiddels geïntroduceerd: de BMKB-C, de GO, de COL en de KKC. Hieronder een kort overzicht van de verschillende kredietmogelijkheden:

  • BMKB-C (punt 4): kan door ondernemers worden aangevraagd indien zij maximaal 250 werknemers en maximaal EUR 50M omzet per jaar hebben. De lening kan maximaal EUR 1,5M bedragen.
  • GO (punt 4): geldt voor grotere ondernemingen. Er kan met de GO-regeling minimaal EUR 1,5M en maximaal EUR 50M worden geleend.
  • COL (punt 7): deze regeling is bedoeld voor startups, scale-ups en andere innovatieve bedrijven. Met de COL kan een lening worden aangevraagd tussen de EUR 50.000 en EUR 2M.
  • KKC (punt 20): met de KKC kan een lening worden aangevraagd tussen de EUR 10.000 en EUR 50.000.

21. Coaching bij coronaproblemen

De Stichting Ondernemersklankbord (“OKB”) biedt gratis coaching aan voor ondernemers in coronaproblemen. De Stichting bestaat uit ongeveer 300 vrijwilligers die ondernemers coachen gedurende een traject van zes maanden. De Kamer van Koophandel vormt het eerste aanspreekpunt voor informatie en advies. Het OKB is bedoeld voor verdere coaching en advies.

Aanvragen? Via de website van het OKB kan het adviestraject worden aangevraagd.

22. Tijdelijke Overbruggingsregeling voor Flexibele Arbeidskrachten (“TOFA”)

De TOFA regeling zorgde voor een vaste tegemoetkoming voor flexwerkers. Daarnaast mocht er geen aanspraak zijn gemaakt op andere steunmaatregelen.

Wanneer had je recht op de TOFA? Indien in februari minimaal EUR 400 was verdiend kan aanspraak worden gemaakt op de TOFA. Er kon dan een aanvulling worden verkregen van EUR 550 per maand bruto, over de maanden maart tot en met mei 2020. Het maximuminkomen over april 2020 mocht niet hoger zijn dan EUR 550 bruto. Let op: deze tegemoetkoming wordt aangemerkt als loon en zal daarom ook worden belast. Momenteel is het niet meer mogelijk de regeling aan te vragen. De aanvraagperiode is op 27 juli 2020 gesloten.

23. Tegemoetkoming Vaste Lasten MKB (“TVL”)


De eerste ronde van de TVL

Voor MKB ondernemingen die het zwaarst werden getroffen door corona kwam het kabinet met de ‘Tegemoetkoming Vaste Lasten MKB’. Het gaat daarbij onder andere om de volgende sectoren: horeca, recreatie, sportscholen, evenementen, podia en theaters.

Deze bedrijven kregen afhankelijk van de omvang van het bedrijf, de hoogte van de vaste kosten en de mate van omzetverlies een tegemoetkoming voor de vaste lasten. Deze tegemoetkoming was maximaal EUR 50.000. Voor toekenning van deze tegemoetkoming werd aangesloten bij de SBI codes die gelden voor de TOGS (punt 5). Daarnaast moest er sprake zijn van een omzetverlies van minimaal 30%.

Verdere voorwaarden werden overgenomen van de bestaande TOGS regeling:

  • De onderneming moest zijn opgericht en ingeschreven bij de KvK voor 16 maart 2020.
  • De onderneming moest een Nederlandse vestiging hebben.
  • De onderneming betrof een fysieke inrichting buiten het eigen huis. Voor horecabedrijven en ambulante handel (zoals rijscholen, taxivervoer en markthandel) gold een uitzondering: daar mocht het privéadres gelijk zijn aan het vestigingsadres.
  • Er mochten maximaal 250 personen werkzaam zijn in de onderneming.
  • Er moesten minimaal EUR 4.000 aan vaste lasten zijn in een periode van drie maanden.

Aanvragen? Vanaf half juni 2020 kon het verzoek voor deze tegemoetkoming worden ingediend via de website van de RvO. De aanvraag moet worden gedaan via E-Herkenning of DigiD.

De tweede ronde van de TVL

De TVL is verlengd met drie tijdvakken van drie maanden. Dat betekent dat de TVL is verlengd tot en met 30 juni 2021. Deze regeling is in het leven geroepen voor MKB ondernemingen die het zwaarst zijn getroffen door gevolgen van het coronavirus.

  • Tijdvak 1 (1 oktober 2020 tot en met 31 december 2020): hiervoor golden de voorwaarden van de eerste ronde van de TVL. Er moest een minimaal omzetverlies van 30% worden behaald om in aanmerking te komen voor deze tegemoetkoming. Het maximale subsidiebedrag voor dit tijdvak bedroeg EUR 90.000 per drie maanden.
  • Tijdvak 2 (1 januari 2021 tot en met 31 maart 2021): het omzetverlies om in aanmerking te komen voor de tegemoetkoming in dit tijdvak moet minimaal 30% bedragen. Het maximale subsidiebedrag is verhoogd naar EUR 330.000 (en met meer dan 25 werknemers maximaal EUR 400.000) per drie maanden. Het minimale bedrag voor vaste lasten van EUR 3.000 per 3 maanden gaat ook in dit tijdvak omlaag.
  • Tijdvak 3 (1 april 2021 tot en met 30 juni 2021): het omzetverlies om in aanmerking te komen voor deze tegemoetkoming in dit tijdvak moet minimaal 30% zijn.

De overige voorwaarden voor de TVL blijven ongewijzigd. Om aanspraak te maken op de verlenging van de TVL moet voor elk tijdvak afzonderlijk bij de RvO een aanvraag worden ingediend.

Let op: voor toekenning van de TVL Q4 2020 en Q1 2021 wordt er niet gekeken naar de SBI codes. Dat betekent dat alle ondernemingen die voldoen aan bovenstaande voorwaarden aanspraak maken op de TVL. Het maximale subsidiepercentage is 85%.

Aanvragen? De aanvraag van de TVL Q4 2020 is inmiddels gesloten. Naar verwachting opent half februari 2021 de aanvraag voor de TVL Q1 2021 via de website van de RvO. De aanvraag moet worden gedaan via E-Herkenning of DigiD. Om aanspraak te maken op de verlenging van de TVL moet voor elk tijdvak afzonderlijk bij de RvO een aanvraag worden ingediend.

Horeca: Horeca Voorraad en Aanpassingen (“HVA”)
Door de verscherpte coronamaatregelen zijn horecagelegenheden sinds 14 oktober 2020 verplicht gesloten. Horecagelegenheden die TVL aanvragen, ontvangen daarom een eenmalige opslag, de HVA. De ondernemer ontvangt één keer een opslag van 5,6% van het omzetverlies over Q4 2020. Het maximum subsidiebedrag voor de TVL blijft EUR 90.000 per kwartaal. Deze tegemoetkoming geldt voor de volgende SBI-codes:

  • 56.10.1 (restaurants)
  • 56.10.2 (fastfoodrestaurants, cafetaria’s, ijssalons, eetkramen)
  • 56.29 (kantines en contractcatering)
  • 56.30 (cafés, discotheken, nachtclubs).

Event-catering en hotel-restaurants zijn uitgesloten van de HVA. De aanvraagperiode is inmiddels gesloten.

Evenementenmodule voor de evenementenbranche (“VLE”)

Ondernemers in de evenementenbranche komen in Q4 2020 en Q1 2021 in aanmerking voor de evenementenmodule. Deze bedraagt 33,3% van de TVL-subsidie van juni tot en met september 2020. Het maximum subsidiebedrag is EUR 16.650. Let op: ondernemers in de evenementenbranche komen alleen in aanmerking voor de VLE als zij niet in aanmerking komen voor de TVL Q4 2020. Bovendien zijn er een aantal voorwaarden aan verbonden: zo dienen de ondernemers in Q2 en Q3 2019 minimaal 50% van de omzet te hebben verdiend aan publieke evenementen. Ook dient de ondernemer de TVL over de periode Q3 2020 ontvangen te hebben.

Aanvraag: waarschijnlijk zal er in het 1e kwartaal van 2021 voor beide kwartalen apart een aanvraag ingediend kunnen worden. Over de aanvraagprocedure volgt binnenkort meer informatie.

Detailhandel: Voorraad Gesloten Detailhandel (“VGD”)
Door de verscherpte coronamaatregelen is de detailhandel sinds 15 december 2020 verplicht gesloten. Non-food detailhandelaars die TVL aanvragen, ontvangen daarom een opslag: de VGD. Bij een omzetverlies van minimaal 30% is het mogelijk één keer een opslag van 5,6% van het omzetverlies over Q4 2020 te ontvangen en 21% over het omzetverlies over Q1 2021. Het maximale bedrag is EUR 20.160. Deze opslag komt bovenop de TVL. Mocht er al een aanvraag voor TVL Q4 2020 zijn gedaan, dan zal automatisch de extra toelage worden ontvangen. Deze tegemoetkoming geldt voor ondernemingen die met hun hoofdactiviteit geregistreerd staan onder SBI-code 47 en verplicht zijn gesloten. Een lijst van de SBI-codes welke toegang geven tot deze regeling tref je hier.

Deze tegemoetkoming is, anders dan de TVL, vrijgesteld van belastingen. De tegemoetkoming kan wel meetellen als omzet voor de NOW. Evenals bij de TVL geldt de hoofdactiviteit die op 15 maart 2020 bij de Kamer van Koophandel staat geregistreerd.

24. Woonkostentoeslag

Indien er moeilijkheden zijn bij het betalen van de huur of hypotheek vanwege een plotselinge daling in inkomen is het in sommige situaties mogelijk om woonkostentoeslag aan te vragen bij de gemeente.

De voorwaarden voor woonkostentoeslag zijn:

  • Het inkomen is plotseling sterk gedaald;
  • Er is weinig spaargeld of weinig waardevolle bezittingen;
  • Er wordt op zoek gegaan naar een goedkopere huur- of koopwoning;
  • Ingeval van een koopwoning: de kosten van de koopwoning zijn in verhouding te hoog voor het inkomen (hypotheekrente, verzekeringen, onderhoud en onroerendezaakbelasting OZB);
  • Ingeval van een huurwoning: de aanvraag voor huurtoeslag bij de Belastingdienst is afgewezen.

De aanvraag moet worden ingediend bij de gemeente waar je woonachtig bent. Er kunnen specifieke voorwaarden per gemeente zijn verbonden aan de toekenning van woonkostentoeslag.

25. Reisaftrek openbaar vervoer

Doorlopende niet-vergoede reiskosten voor woon-werkverkeer die zijn aangegaan voor 13 maart 2020 zijn aftrekbaar in de aangifte inkomstenbelasting, ook als wordt thuisgewerkt. Het gaat bijvoorbeeld om een eerder aangeschaft jaarabonnement voor het openbaar vervoer, terwijl er momenteel hoofdzakelijk wordt thuisgewerkt. Dan zijn deze kosten, indien niet vergoed door de werkgever, aftrekbaar in de aangifte inkomstenbelasting 2020.

26.Verhoging schenkvrijstelling 2021

Degene die een schenking ontvangt van iemand die op het moment van de schenking in Nederland woont, moet schenkbelasting betalen. Er zijn een aantal vrijstellingen, wat betekent dat wanneer een hoger bedrag dan de vrijstelling wordt geschonken, alleen over het bedrag boven de vrijstelling schenkbelasting moet worden betaald.

Twee vrijstellingen zijn als gevolg van de coronasituatie tijdelijk verhoogd met EUR 1.000. De reden voor deze verhoging is de wens om extra financiële steun te kunnen bieden aan ondernemers die door corona in een minder gunstige financiële situatie terecht zijn gekomen.

Het gaat om de volgende twee vrijstellingen:

  • Schenkvrijstelling voor kinderen: in 2020 bedroeg deze vrijstelling EUR 5.515, door de extra verhoging en de inflatiecorrectie komt dit in 2021 uit op EUR 6.604;
  • Schenkvrijstelling voor derden (bijvoorbeeld kleinkinderen, vrienden of schenkingen van kinderen aan hun ouders): deze algemene vrijstelling bedroeg EUR 2.208 in 2020 en wordt in 2021 verhoogd naar EUR 3.244.

Houd er rekening mee dat deze verhogingen alleen in 2021 gelden.

27. Vergoeding kosten kinderopvang tijdens sluiting

De kinderopvang is gesloten voor kinderen van ouders met niet-cruciale beroepen. Ouders met cruciale beroepen kunnen wel gebruik blijven maken van de kinderopvang.

Alle ouders, die normaal gesproken gebruik maken van kinderopvang, zijn gevraagd om de kosten voor de kinderopvang te blijven doorbetalen. In dat geval krijgen zij een tegemoetkoming die de eigen bijdrage benadert. Ook ouders met cruciale beroepen die gebruik maken van de kinderopvang, kunnen een tegemoetkoming ontvangen.

De tegemoetkoming geldt voor alle typen formele opvang (kinderdagopvang, buitenschoolse opvang en gastouderopvang) en het is belangrijk dat de juiste gegevens voor de kinderopvangtoeslag, zoals contracturen of inkomen, bij de Belastingdienst bekend zijn.

Zowel ouders die wel gebruik maken van kinderopvangtoeslag als ouders die hier geen gebruik van maken, kunnen een tegemoetkoming ontvangen:

  • Ouders die gebruik maken van kinderopvangtoeslag

Ouders die kinderopvangtoeslag krijgen, krijgen aanvullend een tegemoetkoming voor hun eigen bijdrage. Deze tegemoetkoming hoeft niet aangevraagd te worden: de Sociale Verzekeringsbank zal de tegemoetkoming automatisch aan de ouders uitbetalen. De datum van uitbetaling is nog niet bekend.

  • Ouders die zonder overheidsvergoeding gebruik maken van kinderopvang

Ook als geen gebruik wordt gemaakt van de kinderopvangtoeslag, is het mogelijk om een tegemoetkoming voor de kosten van de kinderopvang te krijgen. Deze regeling moet nog vormgegeven worden en ook hier is de datum van uitbetaling nog onbekend.

28. Kickstartvouchers

Voor bedrijven die internationaal opereren en geraakt zijn door de coronacrisis is het mogelijk om een korting te ontvangen om een zelf gekozen externe adviseur in te huren. Met deze Kickstartvoucher is er recht op een korting van 80% korting met een maximum van EUR 2.500 exclusief btw.

Het doel is om samen met de externe adviseur de gevolgen van de coronacrisis voor jouw mkb in het buitenland te beperken. Zo kan er bijvoorbeeld onderzoek worden gedaan naar nieuwe (digitale) verdienmodellen, kan een nieuw internationaal marketingplan opgesteld worden en kan het logistieke proces anders worden vormgegeven.

29. Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (“TONK”)

Voor huishoudens die kampen met financiële problemen heeft het kabinet de TONK-regeling geïntroduceerd. Dit gaat met name om huishoudens die worden geconfronteerd met een significant inkomensverlies, huishoudens die moeten terugvallen op een uitkering of niet in aanmerking komen voor een uitkering of de gepresenteerde steunmaatregelen. Het gevolg daarvan kan zijn dat niet meer in de noodzakelijke kosten kan worden voorzien.

Gemeenten werken nu aan bijzondere bijstand voor bovengenoemde situaties. De verwachting is dat de TONK-regeling gaat gelden vanaf 1 maart 2021 en zal worden uitgevoerd door de gemeenten. De TONK gaat met terugwerkende kracht gelden van 1 januari 2021 tot en met 30 juni 2021. De mogelijkheden van de TONK kunnen per gemeente verschillen. Bestrijding van armoede- en schuldenproblematiek evenals omscholings- en reïntegratiemoeilijkheden worden ook onderdeel van deze bijzondere bijstand.

30. Baangerelateerde Investeringskorting (“BIK”)

De Baangerelateerde Investingskorting (“BIK”) is een tijdelijke regeling die bedoeld is om bedrijven te stimuleren te blijven investeren in deze coronatijd. Het gaat om investeringen die worden gedaan in 2021 of 2022. Er zijn een aantal criteria om gebruik te kunnen maken van de BIK regeling:

  1. De investeringsbeslissing moet na 1 oktober 2020 zijn genomen;
  2. De volledige betaling van de investering moet plaatsvinden in 2021 of 2022;
  3. Er moest sprake zijn van een nieuw bedrijfsmiddel dat binnen 6 maanden na aanschaf in gebruik wordt genomen.

De BIK kan worden aangevraagd door bedrijven die vennootschapsbelasting of inkomstenbelasting verschuldigd zijn en loonheffingen voor personeel afdragen. Om de BIK te kunnen toepassen is een BIK-verklaring van het RvO noodzakelijk. De BIK-verklaring kan vier keer per jaar worden toegepast. Na toekenning van de BIK-verklaring kan de daarop opgenomen investeringskorting worden toegepast op de loonaangifte op de af te dragen loonheffingen.

De BIK regeling kan samengaan met de KIA (kleinschaligheidsinvesteringsaftrek), MIA (Milieu Investeringsaftrek) en EIA (Energie Investeringsaftrek).

Let op: Deze regeling moet nog worden goedgekeurd door de Europese Commissie. Jullie horen het uiteraard zo snel mogelijk van ons als deze is goedgekeurd.

31. Garantiefonds voor evenementen

De rijksoverheid komt met plannen om een garantiefonds voor evenementen op te zetten, zodat organisatoren aan de slag kunnen met het opzetten van grootschalige publieksevenementen na 1 juli 2021 en met minimaal 3.000 bezoekers. Mocht een dergelijk evenement vanwege coronamaatregelen uiteindelijk toch niet door kunnen gaan, dan staat nu de overheid garant. De precieze invulling van het garantiefonds werkt het kabinet nog uit. Er is minimaal EUR 300 miljoen voor gereserveerd.

32. Subsidieregeling startende ondernemers

Er komt een aparte subsidieregeling voor startende ondernemers. Startende ondernemers zal in dit geval gaan om ondernemers die tussen 1 januari 2020 en 30 juni 2020 hun onderneming hebben ingeschreven in het Handelsregister of zich – als gevolg van een doorstart – in deze periode opnieuw hebben ingeschreven bij de KvK. De nieuwe regeling moet nog worden uitgewerkt door het kabinet, maar zal mogelijk worden gebaseerd op de TVL. De voorwaarden voor het aanvragen van deze regeling zullen ook nog worden uitgewerkt.

33. Thuiswerkvergoeding

Onder bepaalde voorwaarden is het op grond van de vrije ruimte van de werkkostenregeling (punt 15 van deze nieuwsbrief) al mogelijk om een thuiswerkvergoeding onbelast uit te keren, bijvoorbeeld op het gebied van ICT en ergonomisch verantwoorde werkplekken. Op dit moment wordt uitgezocht of en hoe het mogelijk gemaakt kan worden om onbelast ook andere thuiswerkkosten te vergoeden.

Onze diensten voor jou

Wij houden bovengenoemde regelingen nauwlettend in de gaten en informeren je graag per mail over de ontwikkelingen, zodat zoveel mogelijk ondernemers hiermee hun voordeel kunnen doen. Wees er svp van bewust dat de steunmaatregelen continue in ontwikkeling zijn. Neem voor jouw specifieke situatie dus contact met ons op. Indien gewenst kunnen wij uiteraard ondersteunen bij het aanvragen van de verschillende regelingen en hieromtrent adviseren.

Voor vragen weet je ons te vinden!

Team Holthaus